Gesuchter Begriff over het hoofd zien hat 4 Ergebnisse
Gehe zu
NL Niederländisch DE Deutsch
over het hoofd zien (v) [links laten liggen] keine Beachtung schenken (v) [links laten liggen]
over het hoofd zien (v) [links laten liggen] links liegen lassen (v) [links laten liggen]
over het hoofd zien (v) [links laten liggen] übergehen (v) [links laten liggen]
over het hoofd zien (v) [vergissing] übersehen (v) [vergissing]

NL DE Übersetzungen für over

over (o) [overblijvend] übrig (o) [overblijvend]
over (o) [verband] angesichts (o) [verband]
over (o) [verband] bezüglich (o) [verband]
over (o) [verband] hinsichtlich (o) [verband]
over (o) [verband] in Beziehung auf (o) [verband]
over (o) [verband] in Bezug auf (o) [verband]
over (o) [verband] in Hinblick auf (o) [verband]
over (o) [algemeen] über (o) [algemeen]
over (prep adv adj) [concerned with, engaged in] über (prep adv adj) [concerned with, engaged in]
over (prep adv adj) [concerning] über (prep adv adj) [concerning]

NL DE Übersetzungen für het

het (n v abbr) [work, suffice] reichen (n v abbr) [work, suffice]
het (article adv) [article] das (article adv) [article]
het (o) [bepaald lidwoord] das (o) [bepaald lidwoord]
het (article adv) [article] der (article adv) [article]
het (o) [bepaald lidwoord] der (o) [bepaald lidwoord]
het (article adv) [stressed, indicating that the object in question is the only one worthy of attention] der (article adv) [stressed, indicating that the object in question is the only one worthy of attention]
het (article adv) [used with the name of a member of a class to refer to all things in that class] der (article adv) [used with the name of a member of a class to refer to all things in that class]
het (article adv) [with a superlative] der (article adv) [with a superlative]
het (article adv) [article] die (article adv) [article]
het (o) [bepaald lidwoord] die (o) [bepaald lidwoord]

NL DE Übersetzungen für hoofd

hoofd (n) [positie] {n} Spitze (n) {f} [positie]
hoofd (n) [positie] {n} Führung (n) {f} [positie]
hoofd (n) [bedrijf - man] {n} Anführer (n) {m} [bedrijf - man]
hoofd (n) [bedrijf - man] {n} Chef (n) {m} [bedrijf - man]
hoofd (n) [bedrijf - vrouw] {n} Chefin (n) {f} [bedrijf - vrouw]
hoofd (n) {n} Kopf (n) {m}
hoofd (n) [anatomie] {n} Kopf (n) {m} [anatomie]
hoofd (n) [instituut] {n} Direktor (n) {m} [instituut]
hoofd {n} Haupt {n} (n)

NL DE Übersetzungen für zien

zien
  • gezien
  • ziet
  • zien
  • zag
  • zagen
vorstellen (sich)
  • vorgestellt
  • stellst vor
  • stellen vor
  • stellten vor
  • stelltest vor
  • stell(e) vor
zien (v n) [perceive with the eyes]
  • gezien
  • ziet
  • zien
  • zag
  • zagen
schauen (v n) [perceive with the eyes]
  • geschaut
  • schaust
  • schauen
  • schautest
  • schauten
  • schau(e)
zien (v) [geestesactiviteit]
  • gezien
  • ziet
  • zien
  • zag
  • zagen
sehen (v) [geestesactiviteit]
  • gesehen
  • sehen
  • siehst
  • sahen
  • sahst
  • sieh
zien (v n) [perceive with the eyes]
  • gezien
  • ziet
  • zien
  • zag
  • zagen
sehen (v n) [perceive with the eyes]
  • gesehen
  • sehen
  • siehst
  • sahen
  • sahst
  • sieh
zien (v) [zintuiglijke waarneming]
  • gezien
  • ziet
  • zien
  • zag
  • zagen
sehen (v) [zintuiglijke waarneming]
  • gesehen
  • sehen
  • siehst
  • sahen
  • sahst
  • sieh
zien (v) [geestesactiviteit] sich vorstellen (v) [geestesactiviteit]