Übersetzungen für opwekken
opwekken
hat 4 Bedeutungen, 5 Synonymgruppen & 19 SynonymeNiederländisch Niederländisch
opwekken (gevoelens, opbeuren, opvrolijken, geneeskunde - geboorte)
Französisch
opwekken Niederländisch » Französisch
Neues Wort vorschlagen
stimuler
(v)
(gevoelens)
exciter
(v)
(gevoelens)
remuer
(v)
(gevoelens)
ranimer
(v)
(opbeuren)
animer
(v)
(opvrolijken)
animer
(v)
(gevoelens)
aviver
(v)
(opvrolijken)
aviver
(v)
(gevoelens)
agiter
(v)
(gevoelens)
évocation
(n)
[f.]
(gevoelens)
ragaillardir
(v)
(opbeuren)
vivifier
(v)
(opbeuren)
émoustiller (v) (opbeuren)
induire
(v)
(geneeskunde - geboorte)
Italienisch
opwekken Niederländisch » Italienisch
Neues Wort vorschlagen
animare
(v)
(gevoelens)
animare
(v)
(opvrolijken)
destare
(v)
(gevoelens)
eccitare
(v)
(gevoelens)
esilarare (v) (opbeuren)
evocazione
(n)
[f.]
(gevoelens)
incitare
(v)
(gevoelens)
indurre
(v)
(geneeskunde - geboorte)
provocare
(v)
(geneeskunde - geboorte)
provocare
(v)
(gevoelens)
rallegrare
(v)
(opbeuren)
rallegrare
(v)
(opvrolijken)
rallegrare
(v)
(gevoelens)
ravvivare
(v)
(gevoelens)
ravvivare
(v)
(opvrolijken)
stimolare
(v)
(gevoelens)
suscitare
(v)
(gevoelens)
Englisch
opwekken Niederländisch » Englisch
Neues Wort vorschlagen
evocation
(n)
(gevoelens)
evoking
(n)
(gevoelens)
calling forth (n) (gevoelens)
induce
(v)
(geneeskunde - geboorte)
arouse
(formal) (v)
(gevoelens)
excite
(v)
(gevoelens)
incite
(v)
(gevoelens)
stir
(v)
(gevoelens)
stimulate
(formal) (v)
(gevoelens)
animate
(formal) (v)
(gevoelens)
enliven
(v)
(gevoelens)
animate
(v)
(opvrolijken)
enliven
(v)
(opvrolijken)
vitalize (v) (opvrolijken)
exhilarate
(v)
(opbeuren)
animate
(v)
(opbeuren)
Deutsch
opwekken Niederländisch » Deutsch
Neues Wort vorschlagen
Anrufung (n) [f.] (gevoelens)
Hervorrufung (n) [f.] (gevoelens)
induzieren (v) (geneeskunde - geboorte)
erregen (v) (gevoelens)
aufhetzen (v) (gevoelens)
anheizen (v) (gevoelens)
stimulieren (v) (gevoelens)
beleben (v) (gevoelens)
animieren (v) (opvrolijken)
beleben (v) (opvrolijken)
erheitern (v) (opbeuren)
aufheitern (v) (opbeuren)
Spanisch
opwekken Niederländisch » Spanisch
Neues Wort vorschlagen
animar
(v)
(opvrolijken)
animar
(v)
(opbeuren)
animar
(v)
(gevoelens)
avivar (v) (gevoelens)
avivar (v) (opvrolijken)
estimular
(v)
(gevoelens)
evocación (n) [f.] (gevoelens)
excitar
(v)
(gevoelens)
inducir
(v)
(geneeskunde - geboorte)
infundir vida a (v) (opvrolijken)
infundir vida a (v) (gevoelens)
provocar (v) (gevoelens)
suscitar
(v)
(gevoelens)
vigorizar (v) (opbeuren)
vivificar (v) (opvrolijken)
vivificar (v) (opbeuren)
vivificar (v) (gevoelens)
Schwedisch
opwekken Niederländisch » Schwedisch
Neues Wort vorschlagen
stimulera (v) (gevoelens)
egga (v) (gevoelens)
hetsa upp (v) (gevoelens)
väcka (v) (gevoelens)
animera (v) (gevoelens)
animera (v) (opvrolijken)
liva upp (v) (gevoelens)
liva upp (v) (opvrolijken)
ge liv åt (v) (gevoelens)
ge liv åt (v) (opvrolijken)
upphetsa (v) (gevoelens)
frammanande (n) [n.] (gevoelens)
framkallande (n) [n.] (gevoelens)
framkalla (v) (geneeskunde - geboorte)
pigga upp (v) (opbeuren)
uppliva (v) (opbeuren)
inducera (v) (geneeskunde - geboorte)
Portugiesisch
opwekken Niederländisch » Portugiesisch
Neues Wort vorschlagen
acender (v) (gevoelens)
fomentar (v) (gevoelens)
estimular (v) (gevoelens)
suscitar (v) (gevoelens)
incitar (v) (gevoelens)
animar (v) (gevoelens)
animar (v) (opvrolijken)
animar (v) (opbeuren)
dar vida (v) (opvrolijken)
dar vida (v) (gevoelens)
vitalizar (v) (opvrolijken)
vitalizar (v) (gevoelens)
excitar (v) (gevoelens)
provocar (v) (geneeskunde - geboorte)
evocação (n) [f.] (gevoelens)
alegrar (v) (gevoelens)
alegrar (v) (opvrolijken)
dar vida a (v) (gevoelens)
dar vida a (v) (opvrolijken)
induzir (v) (geneeskunde - geboorte)
Verbformen von opwekken
| - | op | ||
| Tegenwoordig en verleden deelwoord | opwekkend | und | opgewekt |
| Ich | Du | Er/Sie/Es | Wir | Ihr | Sie | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Presens | wek op | wekt op | wekt op | wekken op | wekken op | wekken op |
| Imperfect | wekte op | wekte op | wekte op | wekten op | wekten op | wekten op |
| Toekomende tijd I | zal opwekken | zult opwekken | zal opwekken | zullen opwekken | zullen opwekken | zullen opwekken |
| Conditionalis I | zou opwekken | zou opwekken | zou opwekken | zouden opwekken | zouden opwekken | zouden opwekken |
| Perfectum | heb opgewekt | hebt opgewekt | heeft opgewekt | hebben opgewekt | hebben opgewekt | hebben opgewekt |
| Voltooid verleden tijd | had opgewekt | had opgewekt | had opgewekt | hadden opgewekt | hadden opgewekt | hadden opgewekt |
| Toekomende tijd II | zal opgewekt hebben | zult opgewekt hebben | zal opgewekt hebben | zullen opgewekt hebben | zullen opgewekt hebben | zullen opgewekt hebben |
| Conditionalis II | zou hebben opgewekt | zou hebben opgewekt | zou hebben opgewekt | zouden hebben opgewekt | zouden hebben opgewekt | zouden hebben opgewekt |
| Imperatief | - | wek op | - | - | wekt op | - |
