Wein (Nomen)

1

wijn (n)

alkoholisch, Traubenart, allgemein, alcoholic beverage made from other fruit or vegetables
  • Wein
  • Wijn
  • Wein
  • wijn
  • Wein
  • wijn,

Satzbeispiele & Übersetzungen

Wein
Wijnen
Wein
wijngaarden
anderen Wein
waar gewoonlijk andere wijn wordt geproduceerd
anderen Wein
andere wijnen
anderen Wein
andere wijn
anderen Wein
andere wijn wordt geproduceerd
anderen Wein
andere wijnen worden geproduceerd
Stiller Wein
Niet-mousserende wijn
Aromatisierter Wein
Gearomatiseerde wijn
Wein,
Wijn
Wein,
wijn,
Wein,
wijn;
WEIN
WIJN
zur Verarbeitung zu Wein mit g.U. geeigneter Wein,
wijn die bestemd is om tot wijn met BOB te worden verwerkt;
anderer Wein
Andere wijn
Wein oder
wijn, of
Wein oder
- van wijn, of
Wein.
wijn.
- Wein,
- wijn