Niederländisch: Wörter von AFVALLEN bis AFWISSELEN

afvallen afvallig afvallig worden
afvallige afvalligheid afvalprodukt
afvalstof afvalvernietiger afvalverwerking
afvalwater afvangen afvaren
afvechten afvegen afvellen
afvenen afvergen afverven
afvezelen afvijlen afvijzen
afvillen afvinken afvissen
afvlaggen afvlakken afvleien
afvlekken afvlieden afvliegen
afvloeien afvloeiing afvlotten
afvluchten afvoegen afvoer
afvoerbuis afvoeren afvoerkanaal
afvoerontstopper afvoerpijp afvoerriool
afvorderen afvormen afvragen
afvreten afvriezen afvrijen
afvullen afvuren afwaaien
afwaarderen afwachten afwaggelen
afwandelen afwas afwassen
afwaswater afwateren afwatering
afwateringsreservoir afweer afweergeschut
afweerstelsel afweerstof afwegen
afwegen tegen afweiden afweken
afwendbaar afwenden afwenken
afwennen afwentelen afwentelen op
afwentelen van afweren afwerend
afwering afwerken afwerker
afwerking afwerpen afwezig
afwezige afwezigheid afwijken
afwijken van afwijkend afwijking
afwijzen afwijzend afwijzing
afwikkelen afwimpelen afwinden
afwinnen afwippen afwisselen
Wörterbuch Niederländisch Von afvallen An afwisselen