Niederländisch: Wörter von AFSTEMPELEN bis AFVALKOKER

afstempelen afstempeling afsterven
afstevenen afstijgen afstikken
afstippen afstoffen afstoken
afstomen afstommelen afstompen
afstompend afstoppen afstormen
afstorten afstotelijk afstoten
afstotend afstoting afstotingskracht
afstoven afstraffen afstraffing
afstralen afstrepen afstrijden
afstrijken afstrippen afstromen
afstrompelen afstropen afstruinen
afstudeerrichting afstuderen afstuiten
afstuiven afsturen afsturen op
afstuwen afsukkelen aftaaien
aftakelen aftakelend aftakken
aftakking aftanden aftappen
aftarren aftasten afteilen
aftekenen aftelefoneren aftelegraferen
aftellen afteren aftershave
aftikken aftillen aftimmeren
aftippelen aftippen aftiteling
aftobben aftocht aftoffelen
aftomen aftonnen aftoppen
aftornen aftoveren aftrainen
aftrap aftrappen aftreden
aftrek aftrekbaar aftrekbaar van de belastingen
aftrekken aftrekking aftreksel
aftroeven aftroggelen aftrommelen
aftrompetten aftronen aftuigen
aftuimelen aftuinen afturen
afturven aftypen afvaardigen
afvaardiging afvagen afval
afval doorzoeken afval- afvalkoker
Wörterbuch Niederländisch Von afstempelen An afvalkoker