Übersetzungen für zwelen

Niederländisch Niederländisch

zwelen

Französisch Französisch Neues Wort vorschlagen

Italienisch Italienisch Neues Wort vorschlagen

Englisch Englisch Neues Wort vorschlagen

Deutsch Deutsch Neues Wort vorschlagen

Spanisch Spanisch Neues Wort vorschlagen

Schwedisch Schwedisch Neues Wort vorschlagen

Portugiesisch Portugiesisch Neues Wort vorschlagen

     

Verbformen von zwelen

- -
Tegenwoordig en verleden deelwoord zwelend und gezweeld
  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens zweel zweelt zweelt zwelen zwelen zwelen
Imperfect zweelde zweelde zweelde zweelden zweelden zweelden
Toekomende tijd I zal zwelen zult zwelen zal zwelen zullen zwelen zullen zwelen zullen zwelen
Conditionalis I zou zwelen zou zwelen zou zwelen zouden zwelen zouden zwelen zouden zwelen
Perfectum heb gezweeld hebt gezweeld heeft gezweeld hebben gezweeld hebben gezweeld hebben gezweeld
Voltooid verleden tijd had gezweeld had gezweeld had gezweeld hadden gezweeld hadden gezweeld hadden gezweeld
Toekomende tijd II zal gezweeld hebben zult gezweeld hebben zal gezweeld hebben zullen gezweeld hebben zullen gezweeld hebben zullen gezweeld hebben
Conditionalis II zou hebben gezweeld zou hebben gezweeld zou hebben gezweeld zouden hebben gezweeld zouden hebben gezweeld zouden hebben gezweeld
Imperatief - zweel - - zweelt -
zwelen - Niederländisch Wörterbuch | Übersetzung - zwelen übersetzen