Übersetzungen für vroeger

Suchbegriff:

vroeger

  hat 3 Bedeutungen, 5 Synonymgruppen & 13 Synonyme

Niederländisch Niederländisch

vroeger (algemeen, tijd, verleden)

Französisch vroeger Niederländisch » Französisch Neues Wort vorschlagen

alors (a) (algemeen)

alors (a) (tijd)

alors (o) (verleden)

alors (o) (tijd)

ancien (a) (algemeen)

ancien (a) (tijd)

ancien (o) (verleden)

ancien (o) (tijd)

d'autrefois (a) (algemeen)

d'autrefois (a) (tijd)

d'autrefois (o) (verleden)

d'autrefois (o) (tijd)

avant de (o) (tijd)

autrefois (o) (verleden)

autrefois (o) (tijd)

jadis (o) (verleden)

jadis (o) (tijd)

anciennement (o) (verleden)

anciennement (o) (tijd)

dans le passé (o) (verleden)

dans le passé (o) (tijd)

en ce temps-là (a) (algemeen)

en ce temps-là (a) (tijd)

en ce temps-là (o) (verleden)

en ce temps-là (o) (tijd)

à l'époque (a) (algemeen)

à l'époque (a) (tijd)

à l'époque (o) (verleden)

à l'époque (o) (tijd)

dans le temps (o) (verleden)

dans le temps (a) (algemeen)

dans le temps (a) (tijd)

dans le temps (o) (tijd)

passé (a) [m.] (algemeen)

passé (a) [m.] (tijd)

passé (o) [m.] (verleden)

passé (o) [m.] (tijd)

précédent (a) [m.] (algemeen)

précédent (a) [m.] (tijd)

précédent (o) [m.] (verleden)

précédent (o) [m.] (tijd)

auparavant (o) (tijd)

antérieur (a) (algemeen)

antérieur (a) (tijd)

antérieur (o) (verleden)

antérieur (o) (tijd)

plus tôt (a) (algemeen)

plus tôt (a) (tijd)

plus tôt (o) (verleden)

plus tôt (o) (tijd)

antérieurement (o) (tijd)

Italienisch vroeger Niederländisch » Italienisch Neues Wort vorschlagen

a quei tempi (a) (algemeen)

a quei tempi (a) (tijd)

a quei tempi (o) (verleden)

a quei tempi (o) (tijd)

allora (a) (algemeen)

allora (a) (tijd)

allora (o) (verleden)

allora (o) (tijd)

andato (a) (algemeen)

andato (a) (tijd)

andato (o) (verleden)

andato (o) (tijd)

antecedente (a) (tijd)

antecedente (a) (algemeen)

antecedente (o) (verleden)

antecedente (o) (tijd)

anteriore (a) (algemeen)

anteriore (a) (tijd)

in passato (o) (verleden)

in passato (o) (tijd)

in quel momento (a) (algemeen)

in quel momento (a) (tijd)

in quel momento (o) (verleden)

in quel momento (o) (tijd)

in quel tempo (a) (algemeen)

in quel tempo (a) (tijd)

in quel tempo (o) (verleden)

in quel tempo (o) (tijd)

nei tempi andati (o) (verleden)

nei tempi andati (o) (tijd)

nel passato (o) (verleden)

nel passato (o) (tijd)

passato (a) [m.] (algemeen)

passato (a) [m.] (tijd)

passato (o) [m.] (verleden)

passato (o) [m.] (tijd)

più presto (a) (algemeen)

più presto (a) (tijd)

più presto (o) (verleden)

più presto (o) (tijd)

precedente (a) [m.] (algemeen)

precedente (a) [m.] (tijd)

precedente (o) [m.] (verleden)

precedente (o) [m.] (tijd)

precedentemente (o) (tijd)

prima (a) [f.] (algemeen)

prima (a) [f.] (tijd)

prima (o) [f.] (verleden)

prima (o) [f.] (tijd)

prima di (a) (algemeen)

prima di (a) (tijd)

prima di (o) (verleden)

prima di (o) (tijd)

svanito (a) [m.] (algemeen)

svanito (a) [m.] (tijd)

svanito (o) [m.] (verleden)

svanito (o) [m.] (tijd)

tempo addietro (o) (verleden)

tempo addietro (o) (tijd)

trascorso (a) (algemeen)

trascorso (a) (tijd)

trascorso (o) (verleden)

trascorso (o) (tijd)

un tempo (o) (verleden)

un tempo (o) (tijd)

una volta (o) [f.] (verleden)

Englisch vroeger Niederländisch » Englisch Neues Wort vorschlagen

prior (a) (algemeen)

former (a) (tijd)

anterior (formal) (a) (tijd)

earlier (a) (tijd)

previous (a) (tijd)

once (o) (verleden)

formerly (o) (verleden)

sometime (o) (verleden)

in the past (o) (verleden)

in former days (o) (verleden)

before (o) (tijd)

earlier (o) (tijd)

previously (o) (tijd)

long ago (o) (tijd)

Deutsch vroeger Niederländisch » Deutsch Neues Wort vorschlagen

früher (a) (algemeen)

früher (a) (tijd)

vorhergehend (a) (tijd)

vorangehend (a) (tijd)

einst (o) (verleden)

ehemals (o) (verleden)

früher (o) (verleden)

damals (o) (verleden)

in vergangenen Zeiten (o) (verleden)

früher (o) (tijd)

zuvor (o) (tijd)

vorher (o) (tijd)

ehemals (o) (tijd)

Spanisch vroeger Niederländisch » Spanisch Neues Wort vorschlagen

antaño (o) (verleden)

antaño (o) (tijd)

anterior (a) (algemeen)

anterior (a) (tijd)

anterior (o) (verleden)

anterior (o) (tijd)

anteriormente (o) (tijd)

antes (o) (verleden)

antes (o) (tijd)

antes (a) (algemeen)

antes (a) (tijd)

antes de (a) (algemeen)

antes de (a) (tijd)

antes de (o) (verleden)

antes de (o) (tijd)

antiguamente (o) (verleden)

antiguamente (o) (tijd)

de antaño (a) (algemeen)

de antaño (a) (tijd)

de antaño (o) (verleden)

de antaño (o) (tijd)

en el pasado (o) (verleden)

en el pasado (o) (tijd)

en esa época (a) (algemeen)

en esa época (a) (tijd)

en esa época (o) (verleden)

en esa época (o) (tijd)

en ese entonces (a) (algemeen)

en ese entonces (a) (tijd)

en ese entonces (o) (verleden)

en ese entonces (o) (tijd)

en otro tiempo (o) (verleden)

en otro tiempo (o) (tijd)

hace tiempo (o) (verleden)

pasado (a) [m.] (algemeen)

pasado (a) [m.] (tijd)

pasado (o) [m.] (verleden)

pasado (o) [m.] (tijd)

precedente (a) [m.] (algemeen)

precedente (a) [m.] (tijd)

precedente (o) [m.] (verleden)

precedente (o) [m.] (tijd)

previo (a) (algemeen)

previo (a) (tijd)

previo (o) (verleden)

previo (o) (tijd)

Schwedisch vroeger Niederländisch » Schwedisch Neues Wort vorschlagen

innan (o) (tijd)

före (o) (tijd)

på den tiden (a) (algemeen)

på den tiden (a) (tijd)

på den tiden (o) (verleden)

på den tiden (o) (tijd)

förr (o) (verleden)

förr (o) (tijd)

förr i tiden (o) (verleden)

förr i tiden (o) (tijd)

vid det tillfället (a) (algemeen)

vid det tillfället (a) (tijd)

vid det tillfället (o) (verleden)

vid det tillfället (o) (tijd)

på gamla dagar (a) (algemeen)

på gamla dagar (a) (tijd)

på gamla dagar (o) (verleden)

på gamla dagar (o) (tijd)

gången (a) (algemeen)

gången (a) (tijd)

gången (o) (verleden)

gången (o) (tijd)

svunnen (a) (algemeen)

svunnen (a) (tijd)

svunnen (o) (verleden)

svunnen (o) (tijd)

tidigare (a) (algemeen)

tidigare (a) (tijd)

tidigare (o) (verleden)

tidigare (o) (tijd)

en gång (o) (verleden)

en gång (o) (tijd)

för länge sedan (o) (verleden)

för länge sedan (o) (tijd)

föregående (a) (algemeen)

föregående (a) (tijd)

föregående (o) (verleden)

föregående (o) (tijd)

fordom (a) (algemeen)

fordom (a) (tijd)

fordom (o) (verleden)

fordom (o) (tijd)

förut (o) (tijd)

Portugiesisch vroeger Niederländisch » Portugiesisch Neues Wort vorschlagen

passado (a) [m.] (algemeen)

passado (a) [m.] (tijd)

passado (o) [m.] (verleden)

passado (o) [m.] (tijd)

então (a) (algemeen)

então (a) (tijd)

então (o) (verleden)

então (o) (tijd)

antes de (o) (tijd)

naquele tempo (a) (algemeen)

naquele tempo (a) (tijd)

naquele tempo (o) (verleden)

naquele tempo (o) (tijd)

naquela época (a) (algemeen)

naquela época (a) (tijd)

naquela época (o) (verleden)

naquela época (o) (tijd)

anteriormente (o) (verleden)

anteriormente (o) (tijd)

antigamente (o) (verleden)

antigamente (o) (tijd)

no passado (o) (verleden)

no passado (o) (tijd)

naqueles dias (a) (algemeen)

naqueles dias (a) (tijd)

naqueles dias (o) (verleden)

naqueles dias (o) (tijd)

ido (a) (algemeen)

ido (a) (tijd)

ido (o) (verleden)

ido (o) (tijd)

anterior (a) (algemeen)

anterior (a) (tijd)

anterior (o) (verleden)

anterior (o) (tijd)

precedente (a) [m.] (tijd)

precedente (a) [m.] (algemeen)

precedente (o) [m.] (verleden)

precedente (o) [m.] (tijd)

há muito tempo (o) (verleden)

há muito tempo (o) (tijd)

prévio (a) (algemeen)

prévio (a) (tijd)

prévio (o) (verleden)

prévio (o) (tijd)

antes (o) (verleden)

antes (a) (algemeen)

antes (a) (tijd)

antes (o) (tijd)

mais cedo (a) (algemeen)

mais cedo (a) (tijd)

mais cedo (o) (verleden)

mais cedo (o) (tijd)

previamente (o) (tijd)

     
vroeger - Niederländisch Wörterbuch | Übersetzung - vroeger übersetzen