Übersetzungen für vouwen

Suchbegriff:

vouwen

  hat Eine Bedeutung

Niederländisch Niederländisch

vouwen (algemeen)

Französisch vouwen Niederländisch » Französisch Neues Wort vorschlagen

plier (v) (algemeen)

Italienisch vouwen Niederländisch » Italienisch Neues Wort vorschlagen

piegare (v) (algemeen)

Englisch vouwen Niederländisch » Englisch Neues Wort vorschlagen

fold (v) (algemeen)

Deutsch vouwen Niederländisch » Deutsch Neues Wort vorschlagen

falten (v) (algemeen)

Spanisch vouwen Niederländisch » Spanisch Neues Wort vorschlagen

doblar (v) (algemeen)

Schwedisch vouwen Niederländisch » Schwedisch Neues Wort vorschlagen

vika (v) (algemeen)

Portugiesisch vouwen Niederländisch » Portugiesisch Neues Wort vorschlagen

dobrar (v) [m.] (algemeen)

     

Verbformen von vouwen

irr. -
Tegenwoordig en verleden deelwoord vouwend und gevouwen
  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens vouw vouwt vouwt vouwen vouwen vouwen
Imperfect vouwde vouwde vouwde vouwden vouwden vouwden
Toekomende tijd I zal vouwen zult vouwen zal vouwen zullen vouwen zullen vouwen zullen vouwen
Conditionalis I zou vouwen zou vouwen zou vouwen zouden vouwen zouden vouwen zouden vouwen
Perfectum heb gevouwen hebt gevouwen heeft gevouwen hebben gevouwen hebben gevouwen hebben gevouwen
Voltooid verleden tijd had gevouwen had gevouwen had gevouwen hadden gevouwen hadden gevouwen hadden gevouwen
Toekomende tijd II zal gevouwen hebben zult gevouwen hebben zal gevouwen hebben zullen gevouwen hebben zullen gevouwen hebben zullen gevouwen hebben
Conditionalis II zou hebben gevouwen zou hebben gevouwen zou hebben gevouwen zouden hebben gevouwen zouden hebben gevouwen zouden hebben gevouwen
Imperatief - vouw - - vouwt -
vouwen - Niederländisch Wörterbuch | Übersetzung - vouwen übersetzen