Übersetzungen für voordeel
voordeel
hat 3 Bedeutungen, 5 Synonymgruppen & 14 SynonymeNiederländisch Niederländisch
voordeel (algemeen, profijt, sport - tennis)
Französisch
voordeel Niederländisch » Französisch
Neues Wort vorschlagen
bien
(n)
[m.]
(algemeen)
bénéfice
(n)
[m.]
(profijt)
bénéfice
(n)
[m.]
(algemeen)
bénéfice
(n)
[m.]
(sport - tennis)
profit
(n)
[m.]
(profijt)
profit
(n)
[m.]
(algemeen)
profit
(n)
[m.]
(sport - tennis)
avantage
(n)
[m.]
(profijt)
avantage
(n)
[m.]
(algemeen)
avantage
(n)
[m.]
(sport - tennis)
gain
(n)
[m.]
(profijt)
gain
(n)
[m.]
(algemeen)
gain
(n)
[m.]
(sport - tennis)
mérite
(n)
[m.]
(algemeen)
mérite
(n)
[m.]
(sport - tennis)
mérite
(n)
[m.]
(profijt)
Italienisch
voordeel Niederländisch » Italienisch
Neues Wort vorschlagen
bene
(n)
[m.]
(algemeen)
guadagno
(n)
[m.]
(profijt)
guadagno
(n)
[m.]
(algemeen)
guadagno
(n)
[m.]
(sport - tennis)
pregio
(n)
[m.]
(algemeen)
pregio
(n)
[m.]
(sport - tennis)
pregio
(n)
[m.]
(profijt)
profitto
(n)
[m.]
(profijt)
profitto
(n)
[m.]
(algemeen)
profitto
(n)
[m.]
(sport - tennis)
vantaggio
(n)
[m.]
(algemeen)
vantaggio
(n)
[m.]
(sport - tennis)
vantaggio
(n)
[m.]
(profijt)
Englisch
voordeel Niederländisch » Englisch
Neues Wort vorschlagen
Deutsch
voordeel Niederländisch » Deutsch
Neues Wort vorschlagen
Spanisch
voordeel Niederländisch » Spanisch
Neues Wort vorschlagen
beneficio (n) [m.] (profijt)
beneficio (n) [m.] (algemeen)
beneficio (n) [m.] (sport - tennis)
bien (n) [m.] (algemeen)
provecho (n) [m.] (profijt)
provecho (n) [m.] (algemeen)
provecho (n) [m.] (sport - tennis)
ventaja (n) [f.] (profijt)
ventaja (n) [f.] (algemeen)
ventaja (n) [f.] (sport - tennis)
virtud
(n)
[f.]
(algemeen)
virtud
(n)
[f.]
(sport - tennis)
virtud
(n)
[f.]
(profijt)
Schwedisch
voordeel Niederländisch » Schwedisch
Neues Wort vorschlagen
gagn (n) [n.] (algemeen)
Portugiesisch
voordeel Niederländisch » Portugiesisch
Neues Wort vorschlagen
bem (n) [m.] (algemeen)
ganho (n) [m.] (profijt)
ganho (n) [m.] (algemeen)
ganho (n) [m.] (sport - tennis)
lucro (n) [m.] (profijt)
lucro (n) [m.] (algemeen)
lucro (n) [m.] (sport - tennis)
benefício (n) [m.] (algemeen)
benefício (n) [m.] (sport - tennis)
benefício (n) [m.] (profijt)
vantagem (n) [f.] (algemeen)
vantagem (n) [f.] (sport - tennis)
vantagem (n) [f.] (profijt)
virtude (n) [f.] (algemeen)
virtude (n) [f.] (sport - tennis)
virtude (n) [f.] (profijt)
mérito (n) [m.] (algemeen)
mérito (n) [m.] (sport - tennis)
mérito (n) [m.] (profijt)
