Übersetzungen für uitdelen

Suchbegriff:

uitdelen

  hat 2 Bedeutungen, 5 Synonymgruppen & 20 Synonyme

Niederländisch Niederländisch

uitdelen (voorwerpen, distribueren)

Französisch uitdelen Niederländisch » Französisch Neues Wort vorschlagen

distribuer (v) (voorwerpen)

distribuer (v) (distribueren)

dispenser (v) (distribueren)

Italienisch uitdelen Niederländisch » Italienisch Neues Wort vorschlagen

dispensare (v) (distribueren)

distribuire (v) (voorwerpen)

distribuire (v) (distribueren)

elargire (v) (distribueren)

Englisch uitdelen Niederländisch » Englisch Neues Wort vorschlagen

hand out (v) (voorwerpen)

dispense (v) (distribueren)

distribute (v) (distribueren)

deal out (v) (distribueren)

deal (v) (distribueren)

pass out (v) (distribueren)

Deutsch uitdelen Niederländisch » Deutsch Neues Wort vorschlagen

austeilen (v) (voorwerpen)

verteilen (v) (distribueren)

vertreiben (v) (distribueren)

Spanisch uitdelen Niederländisch » Spanisch Neues Wort vorschlagen

dispensar (v) (distribueren)

distribuir (v) (voorwerpen)

distribuir (v) (distribueren)

repartir (v) (distribueren)

Schwedisch uitdelen Niederländisch » Schwedisch Neues Wort vorschlagen

fördela (v) (distribueren)

utdela (v) (voorwerpen)

utdela (v) (distribueren)

distribuera (v) (distribueren)

Portugiesisch uitdelen Niederländisch » Portugiesisch Neues Wort vorschlagen

distribuir (v) (distribueren)

distribuir (v) (voorwerpen)

dispensar (v) (distribueren)

     

Verbformen von uitdelen

- uit
Tegenwoordig en verleden deelwoord uitdelend und uitgedeeld
  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens deel uit deelt uit deelt uit delen uit delen uit delen uit
Imperfect deelde uit deelde uit deelde uit deelden uit deelden uit deelden uit
Toekomende tijd I zal uitdelen zult uitdelen zal uitdelen zullen uitdelen zullen uitdelen zullen uitdelen
Conditionalis I zou uitdelen zou uitdelen zou uitdelen zouden uitdelen zouden uitdelen zouden uitdelen
Perfectum heb uitgedeeld hebt uitgedeeld heeft uitgedeeld hebben uitgedeeld hebben uitgedeeld hebben uitgedeeld
Voltooid verleden tijd had uitgedeeld had uitgedeeld had uitgedeeld hadden uitgedeeld hadden uitgedeeld hadden uitgedeeld
Toekomende tijd II zal uitgedeeld hebben zult uitgedeeld hebben zal uitgedeeld hebben zullen uitgedeeld hebben zullen uitgedeeld hebben zullen uitgedeeld hebben
Conditionalis II zou hebben uitgedeeld zou hebben uitgedeeld zou hebben uitgedeeld zouden hebben uitgedeeld zouden hebben uitgedeeld zouden hebben uitgedeeld
Imperatief - deel uit - - deelt uit -
uitdelen - Niederländisch Wörterbuch | Übersetzung - uitdelen übersetzen