Übersetzungen für tumult
tumult
hat 7 Bedeutungen, 3 Synonymgruppen & 19 SynonymeNiederländisch Niederländisch
tumult (politiek, onrust, geweld, algemeen, geluid, kabaal, woorden)
Französisch
tumult Niederländisch » Französisch
Neues Wort vorschlagen
agitation
(n)
[f.]
(politiek)
agitation
(n)
[f.]
(onrust)
agitation
(n)
[f.]
(geweld)
agitation
(n)
[f.]
(algemeen)
agitation
(n)
[f.]
(geluid)
agitation
(n)
[f.]
(kabaal)
perturbation
(n)
[f.]
(politiek)
perturbation
(n)
[f.]
(onrust)
perturbation
(n)
[f.]
(geweld)
perturbation
(n)
[f.]
(algemeen)
perturbation
(n)
[f.]
(geluid)
perturbation
(n)
[f.]
(kabaal)
fermentation
(n)
[f.]
(politiek)
fermentation
(n)
[f.]
(onrust)
fermentation
(n)
[f.]
(geweld)
trouble
(n)
[m.]
(politiek)
trouble
(n)
[m.]
(onrust)
trouble
(n)
[m.]
(geweld)
commotion
(n)
[f.]
(onrust)
commotion
(n)
[f.]
(geweld)
commotion
(n)
[f.]
(politiek)
commotion
(n)
[f.]
(algemeen)
commotion
(n)
[f.]
(geluid)
commotion
(n)
[f.]
(kabaal)
turbulence
(n)
[f.]
(onrust)
turbulence
(n)
[f.]
(geweld)
turbulence
(n)
[f.]
(politiek)
turbulence
(n)
[f.]
(algemeen)
turbulence
(n)
[f.]
(geluid)
turbulence
(n)
[f.]
(kabaal)
tumulte
(n)
[m.]
(onrust)
tumulte
(n)
[m.]
(geweld)
tumulte
(n)
[m.]
(politiek)
tumulte
(n)
[m.]
(algemeen)
tumulte
(n)
[m.]
(geluid)
tumulte
(n)
[m.]
(kabaal)
fracas
(n)
[m.]
(onrust)
fracas
(n)
[m.]
(geweld)
fracas
(n)
[m.]
(politiek)
fracas
(n)
[m.]
(algemeen)
fracas
(n)
[m.]
(geluid)
fracas
(n)
[m.]
(kabaal)
émeute
(n)
[f.]
(onrust)
émeute
(n)
[f.]
(geweld)
émeute
(n)
[f.]
(politiek)
émeute
(n)
[f.]
(algemeen)
émeute
(n)
[f.]
(geluid)
émeute
(n)
[f.]
(kabaal)
manifestation violente (n) [f.] (onrust)
manifestation violente (n) [f.] (geweld)
manifestation violente (n) [f.] (politiek)
manifestation violente (n) [f.] (algemeen)
manifestation violente (n) [f.] (geluid)
manifestation violente (n) [f.] (kabaal)
chahut
(n)
[m.]
(geluid)
chahut
(n)
[m.]
(woorden)
chahut
(n)
[m.]
(algemeen)
bagarre
(n)
[f.]
(algemeen)
charivari
(n)
[m.]
(kabaal)
charivari
(n)
[m.]
(algemeen)
charivari
(n)
[m.]
(geluid)
charivari
(n)
[m.]
(onrust)
charivari
(n)
[m.]
(geweld)
tohu-bohu
(n)
[m.]
(kabaal)
tohu-bohu
(n)
[m.]
(algemeen)
tohu-bohu
(n)
[m.]
(onrust)
tohu-bohu
(n)
[m.]
(geweld)
tohu-bohu
(n)
[m.]
(geluid)
tapage
(n)
[m.]
(kabaal)
tapage
(n)
[m.]
(geluid)
tapage
(n)
[m.]
(woorden)
tapage
(n)
[m.]
(algemeen)
tapage
(n)
[m.]
(onrust)
tapage
(n)
[m.]
(geweld)
clameur
(n)
[f.]
(geluid)
clameur
(n)
[f.]
(woorden)
clameur
(n)
[f.]
(algemeen)
clameur
(n)
[f.]
(onrust)
clameur
(n)
[f.]
(geweld)
clameur
(n)
[f.]
(kabaal)
vacarme
(n)
[m.]
(geluid)
vacarme
(n)
[m.]
(woorden)
vacarme
(n)
[m.]
(algemeen)
vacarme
(n)
[m.]
(onrust)
vacarme
(n)
[m.]
(geweld)
vacarme
(n)
[m.]
(kabaal)
Italienisch
tumult Niederländisch » Italienisch
Neues Wort vorschlagen
agitazione
(n)
[f.]
(algemeen)
agitazione
(n)
[f.]
(onrust)
agitazione
(n)
[f.]
(geweld)
agitazione
(n)
[f.]
(geluid)
agitazione
(n)
[f.]
(kabaal)
agitazione
(n)
[f.]
(politiek)
baccano
(n)
[m.]
(algemeen)
baccano
(n)
[m.]
(geluid)
baccano
(n)
[m.]
(onrust)
baccano
(n)
[m.]
(geweld)
baccano
(n)
[m.]
(kabaal)
baccano
(n)
[m.]
(woorden)
bolgia
(n)
[f.]
(kabaal)
bolgia
(n)
[f.]
(algemeen)
bolgia
(n)
[f.]
(onrust)
bolgia
(n)
[f.]
(geweld)
bolgia
(n)
[f.]
(geluid)
cagnara (n) [f.] (algemeen)
chiasso
(n)
[m.]
(algemeen)
chiasso
(n)
[m.]
(geluid)
chiasso
(n)
[m.]
(onrust)
chiasso
(n)
[m.]
(geweld)
chiasso
(n)
[m.]
(kabaal)
chiasso
(n)
[m.]
(woorden)
clamore
(n)
[m.]
(algemeen)
clamore
(n)
[m.]
(geluid)
clamore
(n)
[m.]
(onrust)
clamore
(n)
[m.]
(geweld)
clamore
(n)
[m.]
(kabaal)
clamore
(n)
[m.]
(woorden)
condotta turbolenta (n) [f.] (algemeen)
confusione
(n)
[f.]
(algemeen)
confusione
(n)
[f.]
(onrust)
confusione
(n)
[f.]
(geweld)
confusione
(n)
[f.]
(geluid)
confusione
(n)
[f.]
(kabaal)
confusione
(n)
[f.]
(politiek)
disordine
(n)
[m.]
(algemeen)
disordine
(n)
[m.]
(onrust)
disordine
(n)
[m.]
(geweld)
disordine
(n)
[m.]
(geluid)
disordine
(n)
[m.]
(kabaal)
disordine
(n)
[m.]
(politiek)
frastuono
(n)
[m.]
(algemeen)
frastuono
(n)
[m.]
(geluid)
frastuono
(n)
[m.]
(onrust)
frastuono
(n)
[m.]
(geweld)
frastuono
(n)
[m.]
(kabaal)
frastuono
(n)
[m.]
(woorden)
manicomio
(n)
[m.]
(kabaal)
manicomio
(n)
[m.]
(algemeen)
manicomio
(n)
[m.]
(onrust)
manicomio
(n)
[m.]
(geweld)
manicomio
(n)
[m.]
(geluid)
pandemonio
(n)
[m.]
(kabaal)
pandemonio
(n)
[m.]
(algemeen)
pandemonio
(n)
[m.]
(onrust)
pandemonio
(n)
[m.]
(geweld)
pandemonio
(n)
[m.]
(geluid)
scompiglio
(n)
[m.]
(algemeen)
scompiglio
(n)
[m.]
(geluid)
scompiglio
(n)
[m.]
(politiek)
scompiglio
(n)
[m.]
(onrust)
scompiglio
(n)
[m.]
(geweld)
sommossa
(n)
[f.]
(onrust)
sommossa
(n)
[f.]
(geweld)
sommossa
(n)
[f.]
(politiek)
sommossa
(n)
[f.]
(algemeen)
sommossa
(n)
[f.]
(geluid)
sommossa
(n)
[f.]
(kabaal)
trambusto
(n)
[m.]
(algemeen)
trambusto
(n)
[m.]
(geluid)
trambusto
(n)
[m.]
(onrust)
trambusto
(n)
[m.]
(geweld)
trambusto
(n)
[m.]
(kabaal)
trambusto
(n)
[m.]
(politiek)
tumulto
(n)
[m.]
(algemeen)
tumulto
(n)
[m.]
(onrust)
tumulto
(n)
[m.]
(geweld)
tumulto
(n)
[m.]
(geluid)
tumulto
(n)
[m.]
(kabaal)
tumulto
(n)
[m.]
(politiek)
Englisch
tumult Niederländisch » Englisch
Neues Wort vorschlagen
rowdyism
(n)
(algemeen)
pother (n) (algemeen)
commotion
(n)
(onrust)
turmoil
(n)
(onrust)
turbulence
(n)
(onrust)
tumult
(n)
(onrust)
disorder
(n)
(onrust)
upheaval
(n)
(onrust)
disturbance
(n)
(onrust)
disorder
(n)
(geweld)
riot
(n)
(geweld)
clamor
(n)
(geluid)
din
(n)
(geluid)
uproar
(n)
(woorden)
clamor
(n)
(woorden)
agitation
(n)
(politiek)
commotion
(n)
(politiek)
fermentation
(n)
(politiek)
tumult
(n)
(politiek)
trouble
(n)
(politiek)
bedlam
(n)
(kabaal)
hubbub
(n)
(kabaal)
hullabaloo
(n)
(kabaal)
Deutsch
tumult Niederländisch » Deutsch
Neues Wort vorschlagen
Rowdytum (n) [n.] (algemeen)
Rüpelei (n) [f.] (algemeen)
Lärm (n) [m.] (algemeen)
Tumult (n) [m.] (algemeen)
Tumult (n) [m.] (onrust)
Aufruhr (n) [m.] (onrust)
Getümmel (n) [n.] (onrust)
Unruhe (n) [f.] (onrust)
Trubel (n) [m.] (onrust)
Aufruhr (n) [m.] (geweld)
Tumult (n) [m.] (geweld)
Lärm (n) [m.] (geluid)
Tumult (n) [m.] (geluid)
Krach (n) [m.] (geluid)
Radau (n) [m.] (geluid)
Krawall (n) [m.] (woorden)
Krach (n) [m.] (woorden)
Radau (n) [m.] (woorden)
Aufregung (n) [f.] (politiek)
Ruhestörung (n) [f.] (politiek)
Aufruhr (n) [m.] (politiek)
Gärung (n) [f.] (politiek)
Unruhe (n) [f.] (politiek)
Tohuwabohu (n) [n.] (kabaal)
Durcheinander (n) [n.] (kabaal)
Tumult (n) [m.] (kabaal)
Spanisch
tumult Niederländisch » Spanisch
Neues Wort vorschlagen
alboroto (n) [m.] (politiek)
alboroto (n) [m.] (onrust)
alboroto (n) [m.] (geweld)
alboroto (n) [m.] (kabaal)
alboroto (n) [m.] (geluid)
alboroto (n) [m.] (woorden)
alboroto (n) [m.] (algemeen)
barullo
(n)
[m.]
(algemeen)
barullo
(n)
[m.]
(geluid)
bullicio
(n)
[m.]
(politiek)
bullicio
(n)
[m.]
(onrust)
bullicio
(n)
[m.]
(geweld)
bullicio
(n)
[m.]
(algemeen)
bullicio
(n)
[m.]
(geluid)
bullicio
(n)
[m.]
(kabaal)
clamor
(n)
[m.]
(geluid)
clamor
(n)
[m.]
(woorden)
clamor
(n)
[m.]
(algemeen)
clamor
(n)
[m.]
(onrust)
clamor
(n)
[m.]
(geweld)
clamor
(n)
[m.]
(kabaal)
confusión
(n)
[f.]
(politiek)
confusión
(n)
[f.]
(onrust)
confusión
(n)
[f.]
(geweld)
confusión
(n)
[f.]
(algemeen)
confusión
(n)
[f.]
(geluid)
confusión
(n)
[f.]
(kabaal)
desorden (n) [m.] (onrust)
desorden (n) [m.] (geweld)
desorden (n) [m.] (politiek)
desorden (n) [m.] (algemeen)
desorden (n) [m.] (geluid)
desorden (n) [m.] (kabaal)
disturbio
(n)
[m.]
(onrust)
disturbio
(n)
[m.]
(geweld)
disturbio
(n)
[m.]
(politiek)
disturbio
(n)
[m.]
(algemeen)
disturbio
(n)
[m.]
(geluid)
disturbio
(n)
[m.]
(kabaal)
escándalo
(n)
[m.]
(politiek)
escándalo
(n)
[m.]
(onrust)
escándalo
(n)
[m.]
(geweld)
estruendo
(n)
[m.]
(geluid)
estruendo
(n)
[m.]
(woorden)
estruendo
(n)
[m.]
(algemeen)
estruendo
(n)
[m.]
(onrust)
estruendo
(n)
[m.]
(geweld)
estruendo
(n)
[m.]
(kabaal)
estrépito
(n)
[m.]
(politiek)
estrépito
(n)
[m.]
(onrust)
estrépito
(n)
[m.]
(geweld)
estrépito
(n)
[m.]
(geluid)
estrépito
(n)
[m.]
(woorden)
estrépito
(n)
[m.]
(algemeen)
estrépito
(n)
[m.]
(kabaal)
jaleo
(n)
[m.]
(kabaal)
jaleo
(n)
[m.]
(algemeen)
jaleo
(n)
[m.]
(onrust)
jaleo
(n)
[m.]
(geweld)
jaleo
(n)
[m.]
(geluid)
manicomio
(n)
[m.]
(kabaal)
manicomio
(n)
[m.]
(algemeen)
manicomio
(n)
[m.]
(onrust)
manicomio
(n)
[m.]
(geweld)
manicomio
(n)
[m.]
(geluid)
perturbación
(n)
[f.]
(onrust)
perturbación
(n)
[f.]
(geweld)
perturbación
(n)
[f.]
(politiek)
perturbación
(n)
[f.]
(algemeen)
perturbación
(n)
[f.]
(geluid)
perturbación
(n)
[f.]
(kabaal)
tumulto
(n)
[m.]
(politiek)
tumulto
(n)
[m.]
(onrust)
tumulto
(n)
[m.]
(geweld)
tumulto
(n)
[m.]
(kabaal)
tumulto
(n)
[m.]
(algemeen)
tumulto
(n)
[m.]
(geluid)
Schwedisch
tumult Niederländisch » Schwedisch
Neues Wort vorschlagen
larm (n) [n.] (algemeen)
larm (n) [n.] (onrust)
larm (n) [n.] (geweld)
larm (n) [n.] (geluid)
larm (n) [n.] (woorden)
larm (n) [n.] (kabaal)
uppror (n) [n.] (onrust)
uppror (n) [n.] (geweld)
uppror (n) [n.] (politiek)
rabalder (n) [n.] (algemeen)
rabalder (n) [n.] (onrust)
rabalder (n) [n.] (geweld)
rabalder (n) [n.] (geluid)
rabalder (n) [n.] (woorden)
rabalder (n) [n.] (politiek)
rabalder (n) [n.] (kabaal)
upplopp (n) [n.] (onrust)
upplopp (n) [n.] (geweld)
upplopp (n) [n.] (politiek)
bråk (n) [n.] (algemeen)
bråk (n) [n.] (onrust)
bråk (n) [n.] (geweld)
bråk (n) [n.] (geluid)
bråk (n) [n.] (kabaal)
kaos (n) [n.] (algemeen)
kaos (n) [n.] (onrust)
kaos (n) [n.] (geweld)
kaos (n) [n.] (geluid)
kaos (n) [n.] (kabaal)
buller (n) [n.] (algemeen)
buller (n) [n.] (onrust)
buller (n) [n.] (geweld)
buller (n) [n.] (geluid)
buller (n) [n.] (woorden)
buller (n) [n.] (kabaal)
oljud (n) [n.] (algemeen)
oljud (n) [n.] (onrust)
oljud (n) [n.] (geweld)
oljud (n) [n.] (geluid)
oljud (n) [n.] (woorden)
oljud (n) [n.] (kabaal)
oväsen (n) [n.] (algemeen)
oväsen (n) [n.] (onrust)
oväsen (n) [n.] (geweld)
oväsen (n) [n.] (geluid)
oväsen (n) [n.] (woorden)
oväsen (n) [n.] (kabaal)
stoj (n) [n.] (geluid)
stoj (n) [n.] (woorden)
liv (n) [n.] (geluid)
liv (n) [n.] (woorden)
busliv (n) [n.] (algemeen)
Portugiesisch
tumult Niederländisch » Portugiesisch
Neues Wort vorschlagen
confusão (n) [f.] (algemeen)
confusão (n) [f.] (geluid)
confusão (n) [f.] (onrust)
confusão (n) [f.] (geweld)
confusão (n) [f.] (kabaal)
confusão (n) [f.] (woorden)
agitação (n) [f.] (algemeen)
agitação (n) [f.] (onrust)
agitação (n) [f.] (geweld)
agitação (n) [f.] (geluid)
agitação (n) [f.] (kabaal)
agitação (n) [f.] (politiek)
agitação (n) [f.] (woorden)
comoção (n) [f.] (algemeen)
comoção (n) [f.] (onrust)
comoção (n) [f.] (geweld)
comoção (n) [f.] (geluid)
comoção (n) [f.] (kabaal)
comoção (n) [f.] (politiek)
fermentação (n) [f.] (politiek)
fermentação (n) [f.] (onrust)
fermentação (n) [f.] (geweld)
tumulto (n) [m.] (algemeen)
tumulto (n) [m.] (geluid)
tumulto (n) [m.] (onrust)
tumulto (n) [m.] (geweld)
tumulto (n) [m.] (kabaal)
tumulto (n) [m.] (politiek)
tumulto (n) [m.] (woorden)
turbulência (n) [f.] (algemeen)
turbulência (n) [f.] (onrust)
turbulência (n) [f.] (geweld)
turbulência (n) [f.] (geluid)
turbulência (n) [f.] (kabaal)
turbulência (n) [f.] (politiek)
desordem (n) [f.] (algemeen)
desordem (n) [f.] (onrust)
desordem (n) [f.] (geweld)
desordem (n) [f.] (geluid)
desordem (n) [f.] (kabaal)
desordem (n) [f.] (politiek)
convulsão (n) [f.] (algemeen)
convulsão (n) [f.] (onrust)
convulsão (n) [f.] (geweld)
convulsão (n) [f.] (geluid)
convulsão (n) [f.] (kabaal)
convulsão (n) [f.] (politiek)
distúrbio (n) [m.] (onrust)
distúrbio (n) [m.] (politiek)
distúrbio (n) [m.] (algemeen)
distúrbio (n) [m.] (geweld)
distúrbio (n) [m.] (geluid)
distúrbio (n) [m.] (kabaal)
bagunça (n) [f.] (kabaal)
bagunça (n) [f.] (algemeen)
bagunça (n) [f.] (onrust)
bagunça (n) [f.] (geweld)
bagunça (n) [f.] (geluid)
clamor (n) [m.] (algemeen)
clamor (n) [m.] (geluid)
clamor (n) [m.] (onrust)
clamor (n) [m.] (geweld)
clamor (n) [m.] (kabaal)
clamor (n) [m.] (woorden)
pandemônio (n) [m.] (kabaal)
pandemônio (n) [m.] (algemeen)
pandemônio (n) [m.] (onrust)
pandemônio (n) [m.] (geweld)
pandemônio (n) [m.] (geluid)
barulho (n) [m.] (algemeen)
barulho (n) [m.] (geluid)
barulho (n) [m.] (onrust)
barulho (n) [m.] (geweld)
barulho (n) [m.] (kabaal)
barulho (n) [m.] (woorden)
violência (n) [f.] (algemeen)
zoeira (n) [f.] (algemeen)
zoeira (n) [f.] (geluid)
zoeira (n) [f.] (onrust)
zoeira (n) [f.] (geweld)
zoeira (n) [f.] (kabaal)
zoeira (n) [f.] (woorden)
