Übersetzungen für slachtoffer
slachtoffer
hat 6 Bedeutungen, 3 Synonymgruppen & 7 SynonymeNiederländisch Niederländisch
slachtoffer (ongeval - man, ongeval - vrouw, bedrog - man, bedrog - vrouw, algemeen - man, algemeen - vrouw)
Französisch
slachtoffer Niederländisch » Französisch
Neues Wort vorschlagen
accidenté
(n)
[m.]
(ongeval - man)
accidenté
(n)
[m.]
(ongeval - vrouw)
victime
(n)
[f.]
(bedrog - man)
victime
(n)
[f.]
(bedrog - vrouw)
victime
(n)
[f.]
(algemeen - man)
victime
(n)
[f.]
(algemeen - vrouw)
victime
(n)
[f.]
(ongeval - man)
victime
(n)
[f.]
(ongeval - vrouw)
dupe
(n)
[f.]
(bedrog - man)
dupe
(n)
[f.]
(bedrog - vrouw)
dupe
(n)
[f.]
(algemeen - man)
dupe
(n)
[f.]
(algemeen - vrouw)
pigeon
(n)
[m.]
(bedrog - man)
pigeon
(n)
[m.]
(bedrog - vrouw)
pigeon
(n)
[m.]
(algemeen - man)
pigeon
(n)
[m.]
(algemeen - vrouw)
dindon
(n)
[m.]
(bedrog - man)
dindon
(n)
[m.]
(bedrog - vrouw)
dindon
(n)
[m.]
(algemeen - man)
dindon
(n)
[m.]
(algemeen - vrouw)
accidentée (n) [f.] (ongeval - man)
accidentée (n) [f.] (ongeval - vrouw)
Italienisch
slachtoffer Niederländisch » Italienisch
Neues Wort vorschlagen
credulona (n) [f.] (algemeen - man)
credulona (n) [f.] (algemeen - vrouw)
credulona (n) [f.] (bedrog - man)
credulona (n) [f.] (bedrog - vrouw)
credulone
(n)
[m.]
(algemeen - man)
credulone
(n)
[m.]
(algemeen - vrouw)
credulone
(n)
[m.]
(bedrog - man)
credulone
(n)
[m.]
(bedrog - vrouw)
ferita
(n)
[f.]
(ongeval - man)
ferita
(n)
[f.]
(ongeval - vrouw)
ferito
(n)
[m.]
(ongeval - man)
ferito
(n)
[m.]
(ongeval - vrouw)
merlo
(n)
[m.]
(algemeen - man)
merlo
(n)
[m.]
(algemeen - vrouw)
merlo
(n)
[m.]
(bedrog - man)
merlo
(n)
[m.]
(bedrog - vrouw)
pollo
(n)
[m.]
(algemeen - man)
pollo
(n)
[m.]
(algemeen - vrouw)
pollo
(n)
[m.]
(bedrog - man)
pollo
(n)
[m.]
(bedrog - vrouw)
vittima
(n)
[f.]
(algemeen - man)
vittima
(n)
[f.]
(algemeen - vrouw)
vittima
(n)
[f.]
(bedrog - man)
vittima
(n)
[f.]
(bedrog - vrouw)
vittima
(n)
[f.]
(ongeval - man)
vittima
(n)
[f.]
(ongeval - vrouw)
Englisch
slachtoffer Niederländisch » Englisch
Neues Wort vorschlagen
victim
(n)
(algemeen - man)
victim
(n)
(algemeen - vrouw)
victim
(n)
(ongeval - man)
injured
(n)
(ongeval - man)
casualty
(n)
(ongeval - man)
victim
(n)
(ongeval - vrouw)
injured
(n)
(ongeval - vrouw)
casualty
(n)
(ongeval - vrouw)
victim
(n)
(bedrog - man)
dupe
(n)
(bedrog - man)
victim
(n)
(bedrog - vrouw)
dupe
(n)
(bedrog - vrouw)
Deutsch
slachtoffer Niederländisch » Deutsch
Neues Wort vorschlagen
Spanisch
slachtoffer Niederländisch » Spanisch
Neues Wort vorschlagen
herido (n) [m.] (ongeval - man)
herido (n) [m.] (ongeval - vrouw)
incauta (n) [f.] (bedrog - man)
incauta (n) [f.] (bedrog - vrouw)
incauta (n) [f.] (algemeen - man)
incauta (n) [f.] (algemeen - vrouw)
incauto
(n)
[m.]
(bedrog - man)
incauto
(n)
[m.]
(bedrog - vrouw)
incauto
(n)
[m.]
(algemeen - man)
incauto
(n)
[m.]
(algemeen - vrouw)
inocentona (n) [f.] (bedrog - man)
inocentona (n) [f.] (bedrog - vrouw)
inocentona (n) [f.] (algemeen - man)
inocentona (n) [f.] (algemeen - vrouw)
inocentón (n) [m.] (bedrog - man)
inocentón (n) [m.] (bedrog - vrouw)
inocentón (n) [m.] (algemeen - man)
inocentón (n) [m.] (algemeen - vrouw)
víctima (n) [f.] (bedrog - man)
víctima (n) [f.] (bedrog - vrouw)
víctima (n) [f.] (algemeen - man)
víctima (n) [f.] (algemeen - vrouw)
víctima (n) [f.] (ongeval - man)
víctima (n) [f.] (ongeval - vrouw)
Schwedisch
slachtoffer Niederländisch » Schwedisch
Neues Wort vorschlagen
Portugiesisch
slachtoffer Niederländisch » Portugiesisch
Neues Wort vorschlagen
inocente (n) [m.] (algemeen - man)
inocente (n) [m.] (algemeen - vrouw)
inocente (n) [m.] (bedrog - man)
inocente (n) [m.] (bedrog - vrouw)
trouxa (n) [m.] (algemeen - man)
trouxa (n) [m.] (algemeen - vrouw)
trouxa (n) [m.] (bedrog - man)
trouxa (n) [m.] (bedrog - vrouw)
ferido (n) [m.] (ongeval - man)
ferido (n) [m.] (ongeval - vrouw)
acidentado (n) [m.] (ongeval - man)
acidentado (n) [m.] (ongeval - vrouw)
vítima (n) [f.] (algemeen - man)
vítima (n) [f.] (algemeen - vrouw)
vítima (n) [f.] (bedrog - man)
vítima (n) [f.] (bedrog - vrouw)
vítima (n) [f.] (ongeval - man)
vítima (n) [f.] (ongeval - vrouw)
ferida (n) [f.] (ongeval - man)
ferida (n) [f.] (ongeval - vrouw)
acidentada (n) [f.] (ongeval - man)
acidentada (n) [f.] (ongeval - vrouw)
