Übersetzungen für rimpelen

Suchbegriff:

rimpelen

  hat 2 Bedeutungen, eine Synonymgruppe & 2 Synonyme

Niederländisch Niederländisch

rimpelen (gezicht, beweging)

Französisch rimpelen Niederländisch » Französisch Neues Wort vorschlagen

se plisser (v) (gezicht)

se plisser (v) (beweging)

se rider (v) (gezicht)

se rider (v) (beweging)

faire onduler (v) (gezicht)

faire onduler (v) (beweging)

rider (v) (gezicht)

rider (v) (beweging)

Italienisch rimpelen Niederländisch » Italienisch Neues Wort vorschlagen

aggrinzare (v) (gezicht)

aggrinzare (v) (beweging)

corrugarsi (v) (gezicht)

corrugarsi (v) (beweging)

increspare (v) (gezicht)

increspare (v) (beweging)

raggrinzirsi (v) (gezicht)

raggrinzirsi (v) (beweging)

Englisch rimpelen Niederländisch » Englisch Neues Wort vorschlagen

wrinkle (v) (gezicht)

ripple (v) (beweging)

Deutsch rimpelen Niederländisch » Deutsch Neues Wort vorschlagen

kräuseln (v) (gezicht)

runzeln (v) (gezicht)

kräuseln (v) (beweging)

Spanisch rimpelen Niederländisch » Spanisch Neues Wort vorschlagen

arrugarse (v) (gezicht)

arrugarse (v) (beweging)

ondular (v) (gezicht)

ondular (v) (beweging)

Schwedisch rimpelen Niederländisch » Schwedisch Neues Wort vorschlagen

krusa (v) (gezicht)

krusa (v) (beweging)

bli rynkig (v) (gezicht)

bli rynkig (v) (beweging)

rynka sig (v) (gezicht)

rynka sig (v) (beweging)

Portugiesisch rimpelen Niederländisch » Portugiesisch Neues Wort vorschlagen

ondular (v) (gezicht)

ondular (v) (beweging)

enrugar (v) (gezicht)

enrugar (v) (beweging)

     

Verbformen von rimpelen

- -
Tegenwoordig en verleden deelwoord rimpelend und gerimpeld
  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens rimpel rimpelt rimpelt rimpelen rimpelen rimpelen
Imperfect rimpelde rimpelde rimpelde rimpelden rimpelden rimpelden
Toekomende tijd I zal rimpelen zult rimpelen zal rimpelen zullen rimpelen zullen rimpelen zullen rimpelen
Conditionalis I zou rimpelen zou rimpelen zou rimpelen zouden rimpelen zouden rimpelen zouden rimpelen
Perfectum heb gerimpeld hebt gerimpeld heeft gerimpeld hebben gerimpeld hebben gerimpeld hebben gerimpeld
Voltooid verleden tijd had gerimpeld had gerimpeld had gerimpeld hadden gerimpeld hadden gerimpeld hadden gerimpeld
Toekomende tijd II zal gerimpeld hebben zult gerimpeld hebben zal gerimpeld hebben zullen gerimpeld hebben zullen gerimpeld hebben zullen gerimpeld hebben
Conditionalis II zou hebben gerimpeld zou hebben gerimpeld zou hebben gerimpeld zouden hebben gerimpeld zouden hebben gerimpeld zouden hebben gerimpeld
Imperatief - rimpel - - rimpelt -
rimpelen - Niederländisch Wörterbuch | Übersetzung - rimpelen übersetzen