Übersetzungen für provoceren

Suchbegriff:

provoceren

  hat 2 Bedeutungen, 4 Synonymgruppen & 16 Synonyme

Niederländisch Niederländisch

provoceren (uitdagen, ergeren)

Französisch provoceren Niederländisch » Französisch Neues Wort vorschlagen

provoquer (v) (uitdagen)

provoquer (v) (ergeren)

inciter à (v) (ergeren)

inciter à (v) (uitdagen)

pousser à (v) (ergeren)

pousser à (v) (uitdagen)

défier (v) (uitdagen)

défier (v) (ergeren)

mettre au défi (v) (uitdagen)

mettre au défi (v) (ergeren)

Italienisch provoceren Niederländisch » Italienisch Neues Wort vorschlagen

esasperare (v) (ergeren)

esasperare (v) (uitdagen)

irritare (v) (ergeren)

irritare (v) (uitdagen)

provocare (v) (ergeren)

provocare (v) (uitdagen)

sfidare (v) (uitdagen)

sfidare (v) (ergeren)

Englisch provoceren Niederländisch » Englisch Neues Wort vorschlagen

provoke (v) (ergeren)

incite (v) (ergeren)

defy (v) (uitdagen)

challenge (v) (uitdagen)

dare (v) (uitdagen)

Deutsch provoceren Niederländisch » Deutsch Neues Wort vorschlagen

provozieren (v) (ergeren)

herausfordern (v) (uitdagen)

provozieren (v) (uitdagen)

Spanisch provoceren Niederländisch » Spanisch Neues Wort vorschlagen

desafiar (v) (uitdagen)

desafiar (v) (ergeren)

irritar (v) (ergeren)

irritar (v) (uitdagen)

provocar (v) (ergeren)

provocar (v) (uitdagen)

retar (v) (uitdagen)

retar (v) (ergeren)

Schwedisch provoceren Niederländisch » Schwedisch Neues Wort vorschlagen

egga (v) (ergeren)

egga (v) (uitdagen)

provocera (v) (ergeren)

provocera (v) (uitdagen)

utmana (v) (ergeren)

utmana (v) (uitdagen)

Portugiesisch provoceren Niederländisch » Portugiesisch Neues Wort vorschlagen

provocar (v) (ergeren)

provocar (v) (uitdagen)

irritar (v) (ergeren)

irritar (v) (uitdagen)

desafiar (v) (uitdagen)

desafiar (v) (ergeren)

atrever-se (v) (uitdagen)

atrever-se (v) (ergeren)

ousar (v) (uitdagen)

ousar (v) (ergeren)

     

Verbformen von provoceren

- -
Tegenwoordig en verleden deelwoord provocerend und geprovoceerd
  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens provoceer provoceert provoceert provoceren provoceren provoceren
Imperfect provoceerde provoceerde provoceerde provoceerden provoceerden provoceerden
Toekomende tijd I zal provoceren zult provoceren zal provoceren zullen provoceren zullen provoceren zullen provoceren
Conditionalis I zou provoceren zou provoceren zou provoceren zouden provoceren zouden provoceren zouden provoceren
Perfectum heb geprovoceerd hebt geprovoceerd heeft geprovoceerd hebben geprovoceerd hebben geprovoceerd hebben geprovoceerd
Voltooid verleden tijd had geprovoceerd had geprovoceerd had geprovoceerd hadden geprovoceerd hadden geprovoceerd hadden geprovoceerd
Toekomende tijd II zal geprovoceerd hebben zult geprovoceerd hebben zal geprovoceerd hebben zullen geprovoceerd hebben zullen geprovoceerd hebben zullen geprovoceerd hebben
Conditionalis II zou hebben geprovoceerd zou hebben geprovoceerd zou hebben geprovoceerd zouden hebben geprovoceerd zouden hebben geprovoceerd zouden hebben geprovoceerd
Imperatief - provoceer - - provoceert -
provoceren - Niederländisch Wörterbuch | Übersetzung - provoceren übersetzen