Übersetzungen für plagen
plagen
hat 5 Bedeutungen, 3 Synonymgruppen & 12 SynonymeNiederländisch Niederländisch
plagen (hond, gedrag, moeilijkheden, ramp, algemeen)
Französisch
plagen Niederländisch » Französisch
Neues Wort vorschlagen
exciter
(v)
(hond)
exciter
(v)
(gedrag)
provoquer
(v)
(gedrag)
provoquer
(v)
(moeilijkheden)
provoquer
(v)
(hond)
ennuyer
(v)
(gedrag)
ennuyer
(v)
(moeilijkheden)
ennuyer
(v)
(ramp)
ennuyer
(v)
(hond)
vexer
(v)
(gedrag)
embêter
(v)
(gedrag)
embêter
(v)
(moeilijkheden)
embêter
(v)
(ramp)
embêter
(v)
(hond)
importuner
(v)
(gedrag)
importuner
(v)
(moeilijkheden)
importuner
(v)
(ramp)
importuner
(v)
(hond)
accabler
(v)
(moeilijkheden)
accabler
(v)
(ramp)
accabler
(v)
(gedrag)
harceler
(v)
(gedrag)
harceler
(v)
(moeilijkheden)
harceler
(v)
(hond)
tourmenter
(v)
(gedrag)
tourmenter
(v)
(moeilijkheden)
tourmenter
(v)
(ramp)
tourmenter
(v)
(hond)
affliger
(v)
(moeilijkheden)
affliger
(v)
(ramp)
affliger
(v)
(gedrag)
taquiner
(v)
(algemeen)
taquiner
(v)
(hond)
taquiner
(v)
(gedrag)
Italienisch
plagen Niederländisch » Italienisch
Neues Wort vorschlagen
affliggere
(v)
(moeilijkheden)
affliggere
(v)
(ramp)
affliggere
(v)
(gedrag)
affliggere
(v)
(hond)
assillare
(v)
(moeilijkheden)
assillare
(v)
(gedrag)
assillare
(v)
(hond)
burlare
(v)
(algemeen)
canzonare
(v)
(algemeen)
esasperare
(v)
(gedrag)
esasperare
(v)
(moeilijkheden)
esasperare
(v)
(hond)
importunare
(v)
(moeilijkheden)
importunare
(v)
(ramp)
importunare
(v)
(gedrag)
infastidire
(v)
(moeilijkheden)
infastidire
(v)
(ramp)
infastidire
(v)
(gedrag)
infastidire
(v)
(hond)
irritare
(v)
(gedrag)
irritare
(v)
(hond)
irritare
(v)
(moeilijkheden)
irritare
(v)
(ramp)
molestare
(v)
(gedrag)
molestare
(v)
(moeilijkheden)
molestare
(v)
(hond)
provocare
(v)
(hond)
provocare
(v)
(gedrag)
provocare
(v)
(moeilijkheden)
seccare
(v)
(moeilijkheden)
seccare
(v)
(ramp)
seccare
(v)
(gedrag)
seccare
(v)
(hond)
tormentare
(v)
(moeilijkheden)
tormentare
(v)
(gedrag)
tormentare
(v)
(ramp)
tormentare
(v)
(hond)
Englisch
plagen Niederländisch » Englisch
Neues Wort vorschlagen
tease
(v)
(algemeen)
plague
(v)
(moeilijkheden)
afflict
(v)
(ramp)
provoke
(v)
(hond)
tease
(v)
(hond)
bait
(v)
(hond)
bother
(v)
(gedrag)
annoy
(v)
(gedrag)
pester
(v)
(gedrag)
vex
(arch.) (v)
(gedrag)
bait
(v)
(gedrag)
badger
(v)
(gedrag)
harass
(v)
(gedrag)
provoke
(v)
(gedrag)
torment
(v)
(gedrag)
Deutsch
plagen Niederländisch » Deutsch
Neues Wort vorschlagen
necken (v) (algemeen)
plagen (v) (moeilijkheden)
quälen (v) (moeilijkheden)
plagen (v) (ramp)
reizen (v) (hond)
ärgern (v) (gedrag)
belästigen (v) (gedrag)
plagen (v) (gedrag)
reizen (v) (gedrag)
stören (v) (gedrag)
behelligen (v) (gedrag)
quälen (v) (gedrag)
piesacken (informal) (v) (gedrag)
triezen (informal) (v) (gedrag)
herausfordern (v) (gedrag)
Spanisch
plagen Niederländisch » Spanisch
Neues Wort vorschlagen
acosar
(v)
(gedrag)
acosar
(v)
(moeilijkheden)
acosar
(v)
(hond)
afligir
(v)
(moeilijkheden)
afligir
(v)
(ramp)
afligir
(v)
(gedrag)
atormentar
(v)
(gedrag)
atormentar
(v)
(moeilijkheden)
atormentar
(v)
(hond)
enfadar
(v)
(gedrag)
enfadar
(v)
(moeilijkheden)
enfadar
(v)
(ramp)
enfadar
(v)
(hond)
enojar
(v)
(gedrag)
enojar
(v)
(moeilijkheden)
enojar
(v)
(ramp)
enojar
(v)
(hond)
fastidiar (v) (gedrag)
fastidiar (v) (algemeen)
fastidiar (v) (moeilijkheden)
fastidiar (v) (ramp)
fastidiar (v) (hond)
hostigar
(v)
(gedrag)
hostigar
(v)
(moeilijkheden)
hostigar
(v)
(hond)
importunar
(v)
(gedrag)
importunar
(v)
(moeilijkheden)
importunar
(v)
(hond)
molestar (v) (gedrag)
molestar (v) (moeilijkheden)
molestar (v) (ramp)
molestar (v) (hond)
provocar (v) (gedrag)
provocar (v) (moeilijkheden)
provocar (v) (hond)
Schwedisch
plagen Niederländisch » Schwedisch
Neues Wort vorschlagen
reta (v) (algemeen)
reta (v) (moeilijkheden)
reta (v) (hond)
reta (v) (gedrag)
förarga (v) (gedrag)
plåga (v) (moeilijkheden)
plåga (v) (ramp)
plåga (v) (hond)
plåga (v) (gedrag)
besvära (v) (moeilijkheden)
besvära (v) (ramp)
besvära (v) (hond)
besvära (v) (gedrag)
tråka (v) (moeilijkheden)
tråka (v) (ramp)
tråka (v) (hond)
tråka (v) (gedrag)
irritera (v) (moeilijkheden)
irritera (v) (ramp)
irritera (v) (hond)
irritera (v) (gedrag)
störa (v) (moeilijkheden)
störa (v) (ramp)
störa (v) (hond)
störa (v) (gedrag)
trakassera (v) (moeilijkheden)
trakassera (v) (hond)
trakassera (v) (gedrag)
drabba (v) (moeilijkheden)
drabba (v) (ramp)
drabba (v) (gedrag)
Portugiesisch
plagen Niederländisch » Portugiesisch
Neues Wort vorschlagen
aborrecer (v) (gedrag)
aborrecer (v) (moeilijkheden)
aborrecer (v) (ramp)
aborrecer (v) (hond)
provocar (v) (algemeen)
provocar (v) (hond)
provocar (v) (gedrag)
provocar (v) (moeilijkheden)
chatear (v) (gedrag)
chatear (v) (moeilijkheden)
chatear (v) (ramp)
chatear (v) (hond)
irritar (v) (hond)
irritar (v) (gedrag)
enfadar (v) (gedrag)
enfadar (v) (moeilijkheden)
enfadar (v) (ramp)
enfadar (v) (hond)
amolar (v) (hond)
amolar (v) (gedrag)
amolar (v) (moeilijkheden)
amolar (v) (ramp)
importunar (v) (moeilijkheden)
importunar (v) (ramp)
importunar (v) (gedrag)
importunar (v) (hond)
molestar (v) (gedrag)
molestar (v) (moeilijkheden)
molestar (v) (hond)
atormentar (v) (moeilijkheden)
atormentar (v) (ramp)
atormentar (v) (gedrag)
atormentar (v) (hond)
afligir (v) (moeilijkheden)
afligir (v) (ramp)
afligir (v) (gedrag)
Verbformen von plagen
| irr. | - | ||
| Tegenwoordig en verleden deelwoord | plagend | und | geplaagd |
| Ich | Du | Er/Sie/Es | Wir | Ihr | Sie | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Presens | plaag | plaagt | plaagt | plagen | plagen | plagen |
| Imperfect | plaagde | plaagde | plaagde | plaagden | plaagden | plaagden |
| Toekomende tijd I | zal plagen | zult plagen | zal plagen | zullen plagen | zullen plagen | zullen plagen |
| Conditionalis I | zou plagen | zou plagen | zou plagen | zouden plagen | zouden plagen | zouden plagen |
| Perfectum | heb geplaagd | hebt geplaagd | heeft geplaagd | hebben geplaagd | hebben geplaagd | hebben geplaagd |
| Voltooid verleden tijd | had geplaagd | had geplaagd | had geplaagd | hadden geplaagd | hadden geplaagd | hadden geplaagd |
| Toekomende tijd II | zal geplaagd hebben | zult geplaagd hebben | zal geplaagd hebben | zullen geplaagd hebben | zullen geplaagd hebben | zullen geplaagd hebben |
| Conditionalis II | zou hebben geplaagd | zou hebben geplaagd | zou hebben geplaagd | zouden hebben geplaagd | zouden hebben geplaagd | zouden hebben geplaagd |
| Imperatief | - | plaag | - | - | plaagt | - |
