Übersetzungen für oprakelen

Suchbegriff:

oprakelen

  hat 3 Bedeutungen, eine Synonymgruppe & 2 Synonyme

Niederländisch Niederländisch

oprakelen (geheim, ruzie, algemeen)

Französisch oprakelen Niederländisch » Französisch Neues Wort vorschlagen

découvrir (v) (geheim)

ressusciter (v) (ruzie)

réveiller (v) (ruzie)

remettre sur le tapis (v) (algemeen)

déterrer (v) (algemeen)

déterrer (v) (ruzie)

déterrer (v) (geheim)

dénicher (v) (geheim)

faire revivre (v) (ruzie)

exhumer (v) (ruzie)

Italienisch oprakelen Niederländisch » Italienisch Neues Wort vorschlagen

riesumare (v) (ruzie)

rivangare (v) (ruzie)

scovare (v) (geheim)

tirare in ballo (v) (algemeen)

Englisch oprakelen Niederländisch » Englisch Neues Wort vorschlagen

drag up (v) (algemeen)

rake up (informal) (v) (ruzie)

dig up (v) (geheim)

unearth (v) (geheim)

Deutsch oprakelen Niederländisch » Deutsch Neues Wort vorschlagen

aufrühren (v) (algemeen)

aufwärmen (v) (ruzie)

wieder ausgraben (v) (ruzie)

ausgraben (v) (geheim)

Spanisch oprakelen Niederländisch » Spanisch Neues Wort vorschlagen

descubrir (v) (geheim)

desenterrar (v) (geheim)

revolver (v) (algemeen)

sacar a luz (v) (ruzie)

traer (v) (algemeen)

Schwedisch oprakelen Niederländisch » Schwedisch Neues Wort vorschlagen

dra upp (v) (algemeen)

röra upp (v) (algemeen)

gräva fram (v) (geheim)

riva upp (v) (ruzie)

Portugiesisch oprakelen Niederländisch » Portugiesisch Neues Wort vorschlagen

revolver (v) (algemeen)

desenterrar (v) (geheim)

     

Verbformen von oprakelen

- op
Tegenwoordig en verleden deelwoord oprakelend und opgerakeld
  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens rakel op rakelt op rakelt op rakelen op rakelen op rakelen op
Imperfect rakelde op rakelde op rakelde op rakelden op rakelden op rakelden op
Toekomende tijd I zal oprakelen zult oprakelen zal oprakelen zullen oprakelen zullen oprakelen zullen oprakelen
Conditionalis I zou oprakelen zou oprakelen zou oprakelen zouden oprakelen zouden oprakelen zouden oprakelen
Perfectum heb opgerakeld hebt opgerakeld heeft opgerakeld hebben opgerakeld hebben opgerakeld hebben opgerakeld
Voltooid verleden tijd had opgerakeld had opgerakeld had opgerakeld hadden opgerakeld hadden opgerakeld hadden opgerakeld
Toekomende tijd II zal opgerakeld hebben zult opgerakeld hebben zal opgerakeld hebben zullen opgerakeld hebben zullen opgerakeld hebben zullen opgerakeld hebben
Conditionalis II zou hebben opgerakeld zou hebben opgerakeld zou hebben opgerakeld zouden hebben opgerakeld zouden hebben opgerakeld zouden hebben opgerakeld
Imperatief - rakel op - - rakelt op -
oprakelen - Niederländisch Wörterbuch | Übersetzung - oprakelen übersetzen