Übersetzungen für ontzetten
ontzetten
hat 3 Bedeutungen, eine Synonymgruppe & 2 SynonymeNiederländisch Niederländisch
ontzetten (gevoelens, verbazen, rechten)
Französisch
ontzetten Niederländisch » Französisch
Neues Wort vorschlagen
toucher
(v)
[m.]
(gevoelens)
offenser
(v)
(gevoelens)
renverser
(v)
(verbazen)
émouvoir
(v)
(gevoelens)
bouleverser
(v)
(gevoelens)
consterner
(v)
(gevoelens)
consterner
(v)
(verbazen)
déposséder
(v)
(rechten)
horrifier (v) (gevoelens)
exciter la pitié (v) (gevoelens)
ébranler
(v)
(gevoelens)
choquer
(v)
(gevoelens)
stupéfier
(v)
(verbazen)
époustoufler (v) (verbazen)
Italienisch
ontzetten Niederländisch » Italienisch
Neues Wort vorschlagen
atterrire (v) (gevoelens)
commuovere
(v)
(gevoelens)
costernare
(v)
(gevoelens)
inorridire
(v)
(gevoelens)
intenerire (v) (gevoelens)
lasciare a bocca aperta (v) (verbazen)
privare
(v)
(rechten)
riempire di stupore (v) (verbazen)
sbalordire
(v)
(verbazen)
scioccare (v) (gevoelens)
sconvolgere
(v)
(gevoelens)
scuotere
(v)
(gevoelens)
sgomentare
(v)
(gevoelens)
spaventare
(v)
(gevoelens)
spossessare (v) (rechten)
Englisch
ontzetten Niederländisch » Englisch
Neues Wort vorschlagen
horrify
(v)
(gevoelens)
appal
(v)
(gevoelens)
shock
(v)
(gevoelens)
dismay
(v)
(gevoelens)
stun
(v)
(gevoelens)
dispossess
(v)
(rechten)
deprive
(v)
(rechten)
astound
(v)
(verbazen)
amaze
(v)
(verbazen)
flabbergast
(v)
(verbazen)
render speechless (v) (verbazen)
stagger
(v)
(verbazen)
Deutsch
ontzetten Niederländisch » Deutsch
Neues Wort vorschlagen
entsetzen (v) (gevoelens)
schockieren (v) (gevoelens)
erschüttern (v) (gevoelens)
enteignen (v) (rechten)
in Erstaunen setzen (v) (verbazen)
sprachlos machen (v) (verbazen)
Staunen erregen (v) (verbazen)
Spanisch
ontzetten Niederländisch » Spanisch
Neues Wort vorschlagen
asombrar
(v)
(verbazen)
aterrar
(v)
(gevoelens)
conmocionar a (v) (gevoelens)
conmover
(v)
(gevoelens)
consternar
(v)
(verbazen)
desconcertar
(v)
(verbazen)
desposeer (v) (rechten)
enternecer
(v)
(gevoelens)
horrorizar
(v)
(gevoelens)
impresionar (v) (gevoelens)
ofender (v) (gevoelens)
pasmar
(v)
(verbazen)
privar
(v)
(rechten)
producir una conmoción (v) (gevoelens)
repugnar
(v)
(gevoelens)
sorprender (v) (verbazen)
Schwedisch
ontzetten Niederländisch » Schwedisch
Neues Wort vorschlagen
förskräcka (v) (gevoelens)
röra (v) (gevoelens)
förbluffa (v) (verbazen)
uppröra (v) (gevoelens)
beveka (v) (gevoelens)
frånta (v) (rechten)
förfära (v) (gevoelens)
chocka (v) (gevoelens)
chockera (v) (gevoelens)
slå med häpnad (v) (verbazen)
göra paff (v) (verbazen)
omstörta (v) (verbazen)
lamslå (v) (verbazen)
Portugiesisch
ontzetten Niederländisch » Portugiesisch
Neues Wort vorschlagen
tocar (v) (gevoelens)
chocar (v) (gevoelens)
aturdir (v) (verbazen)
despojar (v) (rechten)
mexer com (v) (gevoelens)
comover (v) (gevoelens)
impressionar (v) (gevoelens)
privar de (v) (rechten)
pasmar (v) (gevoelens)
pasmar (v) (verbazen)
mexer (v) (gevoelens)
horrorizar (v) (gevoelens)
abalar (v) (gevoelens)
estarrecer (v) (gevoelens)
estupefazer (v) (verbazen)
surpreender (v) (verbazen)
deixar sem fala (v) (verbazen)
Verbformen von ontzetten
| - | - | ||
| Tegenwoordig en verleden deelwoord | ontzettend | und | ontzet |
| Ich | Du | Er/Sie/Es | Wir | Ihr | Sie | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Presens | ontzet | ontzet | ontzet | ontzetten | ontzetten | ontzetten |
| Imperfect | ontzette | ontzette | ontzette | ontzetten | ontzetten | ontzetten |
| Toekomende tijd I | zal ontzetten | zult ontzetten | zal ontzetten | zullen ontzetten | zullen ontzetten | zullen ontzetten |
| Conditionalis I | zou ontzetten | zou ontzetten | zou ontzetten | zouden ontzetten | zouden ontzetten | zouden ontzetten |
| Perfectum | heb ontzet | hebt ontzet | heeft ontzet | hebben ontzet | hebben ontzet | hebben ontzet |
| Voltooid verleden tijd | had ontzet | had ontzet | had ontzet | hadden ontzet | hadden ontzet | hadden ontzet |
| Toekomende tijd II | zal ontzet hebben | zult ontzet hebben | zal ontzet hebben | zullen ontzet hebben | zullen ontzet hebben | zullen ontzet hebben |
| Conditionalis II | zou hebben ontzet | zou hebben ontzet | zou hebben ontzet | zouden hebben ontzet | zouden hebben ontzet | zouden hebben ontzet |
| Imperatief | - | ontzet | - | - | ontzet | - |
