Übersetzungen für loven

Suchbegriff:

loven

  hat 2 Bedeutungen, 4 Synonymgruppen & 15 Synonyme

Niederländisch Niederländisch

loven (persoon, bewondering)

Französisch loven Niederländisch » Französisch Neues Wort vorschlagen

exalter (v) (persoon)

encenser (v) (bewondering)

encenser (v) (persoon)

louer (v) (bewondering)

louer (v) (persoon)

faire l'éloge de (v) (bewondering)

faire l'éloge de (v) (persoon)

louanger (v) (bewondering)

louanger (v) (persoon)

Italienisch loven Niederländisch » Italienisch Neues Wort vorschlagen

elogiare (v) (bewondering)

elogiare (v) (persoon)

encomiare (v) (bewondering)

encomiare (v) (persoon)

esaltare (v) (persoon)

lodare (v) (bewondering)

lodare (v) (persoon)

Englisch loven Niederländisch » Englisch Neues Wort vorschlagen

praise (v) (bewondering)

laud (arch.) (v) (bewondering)

eulogize (formal) (v) (bewondering)

exalt (formal) (v) (persoon)

commend (formal) (v) (persoon)

laud (arch.) (v) (persoon)

Deutsch loven Niederländisch » Deutsch Neues Wort vorschlagen

loben (v) (bewondering)

preisen (v) (bewondering)

erheben (v) (persoon)

loben (v) (persoon)

preisen (v) (persoon)

Spanisch loven Niederländisch » Spanisch Neues Wort vorschlagen

alabar (v) (bewondering)

alabar (v) (persoon)

elogiar (v) (bewondering)

elogiar (v) (persoon)

encomiar (v) (bewondering)

encomiar (v) (persoon)

exaltar (v) (persoon)

loar (v) (bewondering)

loar (v) (persoon)

Schwedisch loven Niederländisch » Schwedisch Neues Wort vorschlagen

prisa (v) (bewondering)

prisa (v) (persoon)

upphöja (v) (persoon)

lova (v) (bewondering)

lova (v) (persoon)

berömma (v) (bewondering)

berömma (v) (persoon)

lovorda (v) (bewondering)

lovorda (v) (persoon)

Portugiesisch loven Niederländisch » Portugiesisch Neues Wort vorschlagen

exaltar (v) (persoon)

louvar (v) (bewondering)

louvar (v) (persoon)

elogiar (v) (bewondering)

elogiar (v) (persoon)

enaltecer (v) (bewondering)

enaltecer (v) (persoon)

     

Verbformen von loven

- -
Tegenwoordig en verleden deelwoord lovend und geloofd
  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens loof looft looft loven loven loven
Imperfect loofde loofde loofde loofden loofden loofden
Toekomende tijd I zal loven zult loven zal loven zullen loven zullen loven zullen loven
Conditionalis I zou loven zou loven zou loven zouden loven zouden loven zouden loven
Perfectum heb geloofd hebt geloofd heeft geloofd hebben geloofd hebben geloofd hebben geloofd
Voltooid verleden tijd had geloofd had geloofd had geloofd hadden geloofd hadden geloofd hadden geloofd
Toekomende tijd II zal geloofd hebben zult geloofd hebben zal geloofd hebben zullen geloofd hebben zullen geloofd hebben zullen geloofd hebben
Conditionalis II zou hebben geloofd zou hebben geloofd zou hebben geloofd zouden hebben geloofd zouden hebben geloofd zouden hebben geloofd
Imperatief - loof - - looft -
loven - Niederländisch Wörterbuch | Übersetzung - loven übersetzen