Übersetzungen für irriteren

Suchbegriff:

irriteren

  hat 4 Bedeutungen, 5 Synonymgruppen & 15 Synonyme

Niederländisch Niederländisch

irriteren (gedrag, ergeren, persoon, geneeskunde)

Französisch irriteren Niederländisch » Französisch Neues Wort vorschlagen

ennuyer (v) (gedrag)

ennuyer (v) (ergeren)

vexer (v) (gedrag)

vexer (v) (ergeren)

embêter (v) (gedrag)

embêter (v) (ergeren)

importuner (v) (gedrag)

importuner (v) (ergeren)

irriter (v) (gedrag)

irriter (v) (ergeren)

irriter (v) (persoon)

irriter (v) (geneeskunde)

énerver (v) (gedrag)

énerver (v) (ergeren)

Italienisch irriteren Niederländisch » Italienisch Neues Wort vorschlagen

dare fastidio (v) (gedrag)

dare fastidio (v) (ergeren)

esasperare (v) (gedrag)

esasperare (v) (ergeren)

indispettire (v) (persoon)

indispettire (v) (geneeskunde)

infastidire (v) (gedrag)

infastidire (v) (ergeren)

irritare (v) (gedrag)

irritare (v) (ergeren)

irritare (v) (persoon)

irritare (v) (geneeskunde)

seccare (v) (gedrag)

seccare (v) (ergeren)

tormentare (v) (gedrag)

tormentare (v) (ergeren)

Englisch irriteren Niederländisch » Englisch Neues Wort vorschlagen

peeve (informal) (v) (persoon)

gall (v) (persoon)

irritate (v) (geneeskunde)

vex (arch.) (v) (gedrag)

irritate (v) (ergeren)

aggravate (v) (ergeren)

irk (v) (ergeren)

annoy (v) (ergeren)

exasperate (v) (ergeren)

chafe (v) (ergeren)

Deutsch irriteren Niederländisch » Deutsch Neues Wort vorschlagen

reizen (v) (persoon)

reizen (v) (geneeskunde)

ärgern (v) (gedrag)

ärgern (v) (ergeren)

belästigen (v) (ergeren)

irritieren (v) (ergeren)

verärgern (v) (ergeren)

Spanisch irriteren Niederländisch » Spanisch Neues Wort vorschlagen

agravar (v) (gedrag)

agravar (v) (ergeren)

enfadar (v) (gedrag)

enfadar (v) (ergeren)

enojar (v) (gedrag)

enojar (v) (ergeren)

exasperar (v) (gedrag)

exasperar (v) (ergeren)

fastidiar (v) (gedrag)

fastidiar (v) (ergeren)

irritar (v) (gedrag)

irritar (v) (ergeren)

irritar (v) (persoon)

irritar (v) (geneeskunde)

molestar (v) (gedrag)

molestar (v) (ergeren)

Schwedisch irriteren Niederländisch » Schwedisch Neues Wort vorschlagen

reta (v) (gedrag)

reta (v) (ergeren)

förarga (v) (gedrag)

förarga (v) (ergeren)

plåga (v) (gedrag)

plåga (v) (ergeren)

besvära (v) (gedrag)

besvära (v) (ergeren)

tråka (v) (gedrag)

tråka (v) (ergeren)

irritera (v) (persoon)

irritera (v) (geneeskunde)

irritera (v) (gedrag)

irritera (v) (ergeren)

störa (v) (gedrag)

störa (v) (ergeren)

misshaga (v) (gedrag)

misshaga (v) (ergeren)

förtreta (v) (gedrag)

förtreta (v) (ergeren)

Portugiesisch irriteren Niederländisch » Portugiesisch Neues Wort vorschlagen

enervar (v) (gedrag)

enervar (v) (ergeren)

aborrecer (v) (gedrag)

aborrecer (v) (ergeren)

chatear (v) (gedrag)

chatear (v) (ergeren)

irritar (v) (persoon)

irritar (v) (geneeskunde)

irritar (v) (gedrag)

irritar (v) (ergeren)

enfadar (v) (gedrag)

enfadar (v) (ergeren)

amolar (v) (persoon)

amolar (v) (geneeskunde)

amolar (v) (gedrag)

amolar (v) (ergeren)

apoquentar (v) (gedrag)

apoquentar (v) (ergeren)

exasperar (v) (gedrag)

exasperar (v) (ergeren)

perturbar (v) (persoon)

perturbar (v) (geneeskunde)

     

Verbformen von irriteren

- -
Tegenwoordig en verleden deelwoord irriterend und geïrriteerd
  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens irriteer irriteert irriteert irriteren irriteren irriteren
Imperfect irriteerde irriteerde irriteerde irriteerden irriteerden irriteerden
Toekomende tijd I zal irriteren zult irriteren zal irriteren zullen irriteren zullen irriteren zullen irriteren
Conditionalis I zou irriteren zou irriteren zou irriteren zouden irriteren zouden irriteren zouden irriteren
Perfectum heb geïrriteerd hebt geïrriteerd heeft geïrriteerd hebben geïrriteerd hebben geïrriteerd hebben geïrriteerd
Voltooid verleden tijd had geïrriteerd had geïrriteerd had geïrriteerd hadden geïrriteerd hadden geïrriteerd hadden geïrriteerd
Toekomende tijd II zal geïrriteerd hebben zult geïrriteerd hebben zal geïrriteerd hebben zullen geïrriteerd hebben zullen geïrriteerd hebben zullen geïrriteerd hebben
Conditionalis II zou hebben geïrriteerd zou hebben geïrriteerd zou hebben geïrriteerd zouden hebben geïrriteerd zouden hebben geïrriteerd zouden hebben geïrriteerd
Imperatief - irriteer - - irriteert -
irriteren - Niederländisch Wörterbuch | Übersetzung - irriteren übersetzen