Übersetzungen für inspecteren
inspecteren
hat 4 Bedeutungen, 5 Synonymgruppen & 29 SynonymeNiederländisch Niederländisch
inspecteren (onderzoeken, landmeetkunde, algemeen, voedsel)
Französisch
inspecteren Niederländisch » Französisch
Neues Wort vorschlagen
Italienisch
inspecteren Niederländisch » Italienisch
Neues Wort vorschlagen
controllare
(v)
(onderzoeken)
controllare
(v)
(landmeetkunde)
esaminare
(v)
(onderzoeken)
esaminare
(v)
(landmeetkunde)
esaminare
(v)
(voedsel)
ispezionare
(v)
(algemeen)
ispezionare
(v)
(onderzoeken)
ispezionare
(v)
(landmeetkunde)
ispezionare
(v)
(voedsel)
Englisch
inspecteren Niederländisch » Englisch
Neues Wort vorschlagen
Deutsch
inspecteren Niederländisch » Deutsch
Neues Wort vorschlagen
besichtigen (v) (algemeen)
überprüfen (v) (onderzoeken)
kontrollieren (v) (onderzoeken)
kontrollieren (v) (landmeetkunde)
inspizieren (v) (landmeetkunde)
den Zustand untersuchen (v) (landmeetkunde)
prüfen (v) (voedsel)
Spanisch
inspecteren Niederländisch » Spanisch
Neues Wort vorschlagen
examinar (v) (onderzoeken)
examinar (v) (landmeetkunde)
inspeccionar
(v)
(algemeen)
inspeccionar
(v)
(landmeetkunde)
inspeccionar
(v)
(onderzoeken)
inspeccionar
(v)
(voedsel)
Schwedisch
inspecteren Niederländisch » Schwedisch
Neues Wort vorschlagen
inspektera (v) (algemeen)
inspektera (v) (onderzoeken)
inspektera (v) (landmeetkunde)
inspektera (v) (voedsel)
granska (v) (onderzoeken)
granska (v) (landmeetkunde)
Portugiesisch
inspecteren Niederländisch » Portugiesisch
Neues Wort vorschlagen
examinar (v) (voedsel)
inspecionar (v) (algemeen)
inspecionar (v) (onderzoeken)
inspecionar (v) (landmeetkunde)
inspecionar (v) (voedsel)
fazer inspeção em (v) (onderzoeken)
fazer inspeção em (v) (landmeetkunde)
Verbformen von inspecteren
| - | - | ||
| Tegenwoordig en verleden deelwoord | inspecterend | und | geïnspecteerd |
| Ich | Du | Er/Sie/Es | Wir | Ihr | Sie | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Presens | inspecteer | inspecteert | inspecteert | inspecteren | inspecteren | inspecteren |
| Imperfect | inspecteerde | inspecteerde | inspecteerde | inspecteerden | inspecteerden | inspecteerden |
| Toekomende tijd I | zal inspecteren | zult inspecteren | zal inspecteren | zullen inspecteren | zullen inspecteren | zullen inspecteren |
| Conditionalis I | zou inspecteren | zou inspecteren | zou inspecteren | zouden inspecteren | zouden inspecteren | zouden inspecteren |
| Perfectum | heb geïnspecteerd | hebt geïnspecteerd | heeft geïnspecteerd | hebben geïnspecteerd | hebben geïnspecteerd | hebben geïnspecteerd |
| Voltooid verleden tijd | had geïnspecteerd | had geïnspecteerd | had geïnspecteerd | hadden geïnspecteerd | hadden geïnspecteerd | hadden geïnspecteerd |
| Toekomende tijd II | zal geïnspecteerd hebben | zult geïnspecteerd hebben | zal geïnspecteerd hebben | zullen geïnspecteerd hebben | zullen geïnspecteerd hebben | zullen geïnspecteerd hebben |
| Conditionalis II | zou hebben geïnspecteerd | zou hebben geïnspecteerd | zou hebben geïnspecteerd | zouden hebben geïnspecteerd | zouden hebben geïnspecteerd | zouden hebben geïnspecteerd |
| Imperatief | - | inspecteer | - | - | inspecteert | - |
