Übersetzungen für gelijkgaan
Niederländisch Niederländisch
gelijkgaan
Französisch
Französisch
Neues Wort vorschlagen
Italienisch
Italienisch
Neues Wort vorschlagen
Englisch
Englisch
Neues Wort vorschlagen
Deutsch
Deutsch
Neues Wort vorschlagen
Spanisch
Spanisch
Neues Wort vorschlagen
Schwedisch
Schwedisch
Neues Wort vorschlagen
Portugiesisch
Portugiesisch
Neues Wort vorschlagen
Verbformen von gelijkgaan
| irr. | gelijk | ||
| Tegenwoordig en verleden deelwoord | gelijkgaand | und | gelijkgegaan |
| Ich | Du | Er/Sie/Es | Wir | Ihr | Sie | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Presens | ga gelijk | gaat gelijk | gaat gelijk | gaan gelijk | gaan gelijk | gaan gelijk |
| Imperfect | ging gelijk | ging gelijk | ging gelijk | gingen gelijk | gingen gelijk | gingen gelijk |
| Toekomende tijd I | zal gelijkgaan | zult gelijkgaan | zal gelijkgaan | zullen gelijkgaan | zullen gelijkgaan | zullen gelijkgaan |
| Conditionalis I | zou gelijkgaan | zou gelijkgaan | zou gelijkgaan | zouden gelijkgaan | zouden gelijkgaan | zouden gelijkgaan |
| Perfectum | heb gelijkgegaan | hebt gelijkgegaan | heeft gelijkgegaan | hebben gelijkgegaan | hebben gelijkgegaan | hebben gelijkgegaan |
| Voltooid verleden tijd | had gelijkgegaan | had gelijkgegaan | had gelijkgegaan | hadden gelijkgegaan | hadden gelijkgegaan | hadden gelijkgegaan |
| Toekomende tijd II | zal gelijkgegaan hebben | zult gelijkgegaan hebben | zal gelijkgegaan hebben | zullen gelijkgegaan hebben | zullen gelijkgegaan hebben | zullen gelijkgegaan hebben |
| Conditionalis II | zou hebben gelijkgegaan | zou hebben gelijkgegaan | zou hebben gelijkgegaan | zouden hebben gelijkgegaan | zouden hebben gelijkgegaan | zouden hebben gelijkgegaan |
| Imperatief | - | ga gelijk | - | - | gaat gelijk | - |
gelijkgaan - Niederländisch Wörterbuch | Übersetzung - gelijkgaan übersetzen
