Übersetzungen für enkadreren

Niederländisch Niederländisch

enkadreren

Französisch Französisch Neues Wort vorschlagen

Italienisch Italienisch Neues Wort vorschlagen

Englisch Englisch Neues Wort vorschlagen

Deutsch Deutsch Neues Wort vorschlagen

Spanisch Spanisch Neues Wort vorschlagen

Schwedisch Schwedisch Neues Wort vorschlagen

Portugiesisch Portugiesisch Neues Wort vorschlagen

     

Verbformen von enkadreren

- -
Tegenwoordig en verleden deelwoord enkadrerend und geënkadreerd
  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens enkadreer enkadreert enkadreert enkadreren enkadreren enkadreren
Imperfect enkadreerde enkadreerde enkadreerde enkadreerden enkadreerden enkadreerden
Toekomende tijd I zal enkadreren zult enkadreren zal enkadreren zullen enkadreren zullen enkadreren zullen enkadreren
Conditionalis I zou enkadreren zou enkadreren zou enkadreren zouden enkadreren zouden enkadreren zouden enkadreren
Perfectum heb geënkadreerd hebt geënkadreerd heeft geënkadreerd hebben geënkadreerd hebben geënkadreerd hebben geënkadreerd
Voltooid verleden tijd had geënkadreerd had geënkadreerd had geënkadreerd hadden geënkadreerd hadden geënkadreerd hadden geënkadreerd
Toekomende tijd II zal geënkadreerd hebben zult geënkadreerd hebben zal geënkadreerd hebben zullen geënkadreerd hebben zullen geënkadreerd hebben zullen geënkadreerd hebben
Conditionalis II zou hebben geënkadreerd zou hebben geënkadreerd zou hebben geënkadreerd zouden hebben geënkadreerd zouden hebben geënkadreerd zouden hebben geënkadreerd
Imperatief - enkadreer - - enkadreert -
enkadreren - Niederländisch Wörterbuch | Übersetzung - enkadreren übersetzen