Übersetzungen für bijtanken
bijtanken
hat 2 BedeutungenNiederländisch Niederländisch
bijtanken (voertuigen, luchtvaart)
Französisch
bijtanken Niederländisch » Französisch
Neues Wort vorschlagen
ravitaillement
(n)
[m.]
(voertuigen)
remplissage
(n)
[m.]
(voertuigen)
reprendre de l'essence (v) (voertuigen)
reprendre de l'essence (v) (luchtvaart)
se ravitailler (v) (voertuigen)
se ravitailler (v) (luchtvaart)
Italienisch
bijtanken Niederländisch » Italienisch
Neues Wort vorschlagen
pieno
(n)
[m.]
(voertuigen)
rifornimento
(n)
[m.]
(voertuigen)
rifornire di carburante (v) (voertuigen)
rifornire di carburante (v) (luchtvaart)
Englisch
bijtanken Niederländisch » Englisch
Neues Wort vorschlagen
Deutsch
bijtanken Niederländisch » Deutsch
Neues Wort vorschlagen
Auftanken (n) [n.] (voertuigen)
Brennstoffauffüllung (n) [f.] (voertuigen)
nachtanken (v) (voertuigen)
auftanken (v) (voertuigen)
tanken (v) (voertuigen)
zutanken (v) (voertuigen)
auftanken (v) (luchtvaart)
Spanisch
bijtanken Niederländisch » Spanisch
Neues Wort vorschlagen
abastecimiento de gasolina (n) [m.] (voertuigen)
reabastecer de combustible (v) (voertuigen)
reabastecer de combustible (v) (luchtvaart)
Schwedisch
bijtanken Niederländisch » Schwedisch
Neues Wort vorschlagen
Portugiesisch
bijtanken Niederländisch » Portugiesisch
Neues Wort vorschlagen
Verbformen von bijtanken
| - | bij | ||
| Tegenwoordig en verleden deelwoord | bijtankend | und | bijgetankt |
| Ich | Du | Er/Sie/Es | Wir | Ihr | Sie | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Presens | tank bij | tankt bij | tankt bij | tanken bij | tanken bij | tanken bij |
| Imperfect | tankte bij | tankte bij | tankte bij | tankten bij | tankten bij | tankten bij |
| Toekomende tijd I | zal bijtanken | zult bijtanken | zal bijtanken | zullen bijtanken | zullen bijtanken | zullen bijtanken |
| Conditionalis I | zou bijtanken | zou bijtanken | zou bijtanken | zouden bijtanken | zouden bijtanken | zouden bijtanken |
| Perfectum | heb bijgetankt | hebt bijgetankt | heeft bijgetankt | hebben bijgetankt | hebben bijgetankt | hebben bijgetankt |
| Voltooid verleden tijd | had bijgetankt | had bijgetankt | had bijgetankt | hadden bijgetankt | hadden bijgetankt | hadden bijgetankt |
| Toekomende tijd II | zal bijgetankt hebben | zult bijgetankt hebben | zal bijgetankt hebben | zullen bijgetankt hebben | zullen bijgetankt hebben | zullen bijgetankt hebben |
| Conditionalis II | zou hebben bijgetankt | zou hebben bijgetankt | zou hebben bijgetankt | zouden hebben bijgetankt | zouden hebben bijgetankt | zouden hebben bijgetankt |
| Imperatief | - | tank bij | - | - | tankt bij | - |
