Übersetzungen für bezwijken
bezwijken
hat 3 Bedeutungen, 4 Synonymgruppen & 15 SynonymeNiederländisch Niederländisch
bezwijken (overeenkomst, fysische activiteit, gevoelens)
Französisch
bezwijken Niederländisch » Französisch
Neues Wort vorschlagen
céder
(v)
(overeenkomst)
capituler
(v)
(overeenkomst)
se rendre (v) (overeenkomst)
s'effondrer
(v)
(fysische activiteit)
succomber
(v)
(gevoelens)
Italienisch
bezwijken Niederländisch » Italienisch
Neues Wort vorschlagen
arrendersi
(v)
(overeenkomst)
capitolare
(v)
(overeenkomst)
cedere
(v)
(overeenkomst)
crollare
(v)
(fysische activiteit)
soccombere
(v)
(gevoelens)
Englisch
bezwijken Niederländisch » Englisch
Neues Wort vorschlagen
Deutsch
bezwijken Niederländisch » Deutsch
Neues Wort vorschlagen
zusammenbrechen (v) (fysische activiteit)
kapitulieren (v) (overeenkomst)
aufgeben (v) (overeenkomst)
sich ergeben (v) (overeenkomst)
unterliegen (v) (gevoelens)
Spanisch
bezwijken Niederländisch » Spanisch
Neues Wort vorschlagen
capitular
(v)
(overeenkomst)
desplomarse
(v)
(fysische activiteit)
entregarse
(v)
(overeenkomst)
rendirse
(v)
(overeenkomst)
sucumbir
(v)
(gevoelens)
Schwedisch
bezwijken Niederländisch » Schwedisch
Neues Wort vorschlagen
ge upp (v) (overeenkomst)
kapitulera (v) (overeenkomst)
ge sig (v) (overeenkomst)
ge efter (v) (gevoelens)
falla ihop (v) (fysische activiteit)
kollapsa (v) (fysische activiteit)
Portugiesisch
bezwijken Niederländisch » Portugiesisch
Neues Wort vorschlagen
Verbformen von bezwijken
| - | - | ||
| Tegenwoordig en verleden deelwoord | bezwijkend | und | bezweken |
| Ich | Du | Er/Sie/Es | Wir | Ihr | Sie | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Presens | bezwijk | bezwijkt | bezwijkt | bezwijken | bezwijken | bezwijken |
| Imperfect | bezweek | bezweek | bezweek | bezweken | bezweken | bezweken |
| Toekomende tijd I | zal bezwijken | zult bezwijken | zal bezwijken | zullen bezwijken | zullen bezwijken | zullen bezwijken |
| Conditionalis I | zou bezwijken | zou bezwijken | zou bezwijken | zouden bezwijken | zouden bezwijken | zouden bezwijken |
| Perfectum | ben bezweken | bent bezweken | is bezweken | zijn bezweken | zijn bezweken | zijn bezweken |
| Voltooid verleden tijd | was bezweken | was bezweken | was bezweken | waren bezweken | waren bezweken | waren bezweken |
| Toekomende tijd II | zal bezweken zijn | zult bezweken zijn | zal bezweken zijn | zullen bezweken zijn | zullen bezweken zijn | zullen bezweken zijn |
| Conditionalis II | zou zijn bezweken | zou zijn bezweken | zou zijn bezweken | zouden zijn bezweken | zouden zijn bezweken | zouden zijn bezweken |
| Imperatief | - | bezwijk | - | - | bezwijkt | - |
