Übersetzungen für beroeren
beroeren
hat 2 Bedeutungen, 5 Synonymgruppen & 16 SynonymeNiederländisch Niederländisch
beroeren (gevoelens, aanraking)
Französisch
beroeren Niederländisch » Französisch
Neues Wort vorschlagen
agiter
(v)
(gevoelens)
troubler
(v)
(gevoelens)
déconcerter
(v)
(gevoelens)
inquiéter
(v)
(gevoelens)
émouvoir
(v)
(gevoelens)
préoccuper
(v)
(gevoelens)
rendre perplexe (v) (gevoelens)
laisser perplexe (v) (gevoelens)
Italienisch
beroeren Niederländisch » Italienisch
Neues Wort vorschlagen
affliggere
(v)
(gevoelens)
agitare
(v)
(gevoelens)
darsi pensiero (v) (gevoelens)
mettere in agitazione (v) (gevoelens)
preoccupare
(v)
(gevoelens)
preoccuparsi
(v)
(gevoelens)
sconcertare
(v)
(gevoelens)
sconvolgere
(v)
(gevoelens)
turbare
(v)
(gevoelens)
Englisch
beroeren Niederländisch » Englisch
Neues Wort vorschlagen
touch lightly (v) (aanraking)
brush against (v) (aanraking)
trouble
(v)
(gevoelens)
disquiet
(v)
(gevoelens)
agitate
(v)
(gevoelens)
disturb
(v)
(gevoelens)
Deutsch
beroeren Niederländisch » Deutsch
Neues Wort vorschlagen
leicht berühren (v) (aanraking)
stören (v) (gevoelens)
beunruhigen (v) (gevoelens)
verwirren (v) (gevoelens)
irritieren (v) (gevoelens)
verstören (v) (gevoelens)
Spanisch
beroeren Niederländisch » Spanisch
Neues Wort vorschlagen
agitar (v) (gevoelens)
alterar
(v)
(gevoelens)
avergonzar
(v)
(gevoelens)
desconcertar
(v)
(gevoelens)
enojar
(v)
(gevoelens)
molestar (v) (gevoelens)
preocupar
(v)
(gevoelens)
preocuparse (v) (gevoelens)
trastornar
(v)
(gevoelens)
Schwedisch
beroeren Niederländisch » Schwedisch
Neues Wort vorschlagen
förvirra (v) (gevoelens)
förbrylla (v) (gevoelens)
göra förlägen (v) (gevoelens)
bekymra (v) (gevoelens)
oroa (v) (gevoelens)
uppröra (v) (gevoelens)
uppskaka (v) (gevoelens)
mystifiera (v) (gevoelens)
Portugiesisch
beroeren Niederländisch » Portugiesisch
Neues Wort vorschlagen
apoquentar (v) (gevoelens)
confundir (v) (gevoelens)
aturdir (v) (gevoelens)
perturbar (v) (gevoelens)
desconcertar (v) (gevoelens)
embaraçar (v) (gevoelens)
molestar (v) (gevoelens)
atormentar (v) (gevoelens)
agitar (v) (gevoelens)
desorientar (v) (gevoelens)
afligir (v) (gevoelens)
aporrinhar (v) (gevoelens)
Verbformen von beroeren
| - | - | ||
| Tegenwoordig en verleden deelwoord | beroerend | und | beroerd |
| Ich | Du | Er/Sie/Es | Wir | Ihr | Sie | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Presens | beroer | beroert | beroert | beroeren | beroeren | beroeren |
| Imperfect | beroerde | beroerde | beroerde | beroerden | beroerden | beroerden |
| Toekomende tijd I | zal beroeren | zult beroeren | zal beroeren | zullen beroeren | zullen beroeren | zullen beroeren |
| Conditionalis I | zou beroeren | zou beroeren | zou beroeren | zouden beroeren | zouden beroeren | zouden beroeren |
| Perfectum | heb beroerd | hebt beroerd | heeft beroerd | hebben beroerd | hebben beroerd | hebben beroerd |
| Voltooid verleden tijd | had beroerd | had beroerd | had beroerd | hadden beroerd | hadden beroerd | hadden beroerd |
| Toekomende tijd II | zal beroerd hebben | zult beroerd hebben | zal beroerd hebben | zullen beroerd hebben | zullen beroerd hebben | zullen beroerd hebben |
| Conditionalis II | zou hebben beroerd | zou hebben beroerd | zou hebben beroerd | zouden hebben beroerd | zouden hebben beroerd | zouden hebben beroerd |
| Imperatief | - | beroer | - | - | beroert | - |
