Übersetzungen für afzonderen

Suchbegriff:

afzonderen

  hat 2 Bedeutungen, 3 Synonymgruppen & 8 Synonyme

Niederländisch Niederländisch

afzonderen (afsluiten, politiek)

Französisch afzonderen Niederländisch » Französisch Neues Wort vorschlagen

séparer (v) (afsluiten)

séparer (v) (politiek)

isoler (v) (afsluiten)

Italienisch afzonderen Niederländisch » Italienisch Neues Wort vorschlagen

bloccare (v) (afsluiten)

chiudere il passaggio (v) (afsluiten)

segregare (v) (politiek)

separare (v) (politiek)

Englisch afzonderen Niederländisch » Englisch Neues Wort vorschlagen

segregate (v) (politiek)

shut off (v) (afsluiten)

isolate (v) (afsluiten)

Deutsch afzonderen Niederländisch » Deutsch Neues Wort vorschlagen

trennen (v) (politiek)

absperren (v) (afsluiten)

absondern (v) (afsluiten)

Spanisch afzonderen Niederländisch » Spanisch Neues Wort vorschlagen

aislar (v) (afsluiten)

apartar (v) (afsluiten)

segregar (v) (politiek)

Schwedisch afzonderen Niederländisch » Schwedisch Neues Wort vorschlagen

utestänga (v) (afsluiten)

isolera (v) (afsluiten)

avskilja (v) (politiek)

Portugiesisch afzonderen Niederländisch » Portugiesisch Neues Wort vorschlagen

separar (v) (afsluiten)

isolar (v) (afsluiten)

segregar (v) (politiek)

     

Verbformen von afzonderen

- af
Tegenwoordig en verleden deelwoord afzonderend und afgezonderd
  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens zonder af zondert af zondert af zonderen af zonderen af zonderen af
Imperfect zonderde af zonderde af zonderde af zonderden af zonderden af zonderden af
Toekomende tijd I zal afzonderen zult afzonderen zal afzonderen zullen afzonderen zullen afzonderen zullen afzonderen
Conditionalis I zou afzonderen zou afzonderen zou afzonderen zouden afzonderen zouden afzonderen zouden afzonderen
Perfectum heb afgezonderd hebt afgezonderd heeft afgezonderd hebben afgezonderd hebben afgezonderd hebben afgezonderd
Voltooid verleden tijd had afgezonderd had afgezonderd had afgezonderd hadden afgezonderd hadden afgezonderd hadden afgezonderd
Toekomende tijd II zal afgezonderd hebben zult afgezonderd hebben zal afgezonderd hebben zullen afgezonderd hebben zullen afgezonderd hebben zullen afgezonderd hebben
Conditionalis II zou hebben afgezonderd zou hebben afgezonderd zou hebben afgezonderd zouden hebben afgezonderd zouden hebben afgezonderd zouden hebben afgezonderd
Imperatief - zonder af - - zondert af -
afzonderen - Niederländisch Wörterbuch | Übersetzung - afzonderen übersetzen