Übersetzungen für aanzetten
aanzetten
hat 6 Bedeutungen, 5 Synonymgruppen & 11 SynonymeNiederländisch Niederländisch
aanzetten (scheermes, elektrisch apparaat, persoon, aansporen, radio - televisie, licht)
Französisch
aanzetten Niederländisch » Französisch
Neues Wort vorschlagen
repasser sur le cuir (v) (scheermes)
mettre en marche
(v)
(elektrisch apparaat)
exciter
(v)
(persoon)
provoquer
(v)
(persoon)
encourager
(v)
(persoon)
encourager
(v)
(aansporen)
ouvrir
(v)
(radio - televisie)
ouvrir
(v)
(licht)
allumer
(v)
(radio - televisie)
allumer
(v)
(licht)
allumer
(v)
(elektrisch apparaat)
agiter
(v)
(persoon)
inciter à (v) (persoon)
pousser
(v)
(persoon)
pousser à (v) (aansporen)
Italienisch
aanzetten Niederländisch » Italienisch
Neues Wort vorschlagen
accendere
(v)
(elektrisch apparaat)
accendere
(v)
(radio - televisie)
accendere
(v)
(licht)
affilare sulla coramella (v) (scheermes)
esortare
(v)
(aansporen)
incitare
(v)
(persoon)
incoraggiare
(v)
(aansporen)
indurre
(v)
(persoon)
istigare
(v)
(persoon)
provocare
(v)
(persoon)
sollecitare
(v)
(aansporen)
spingere
(v)
(persoon)
stimolare
(v)
(persoon)
Englisch
aanzetten Niederländisch » Englisch
Neues Wort vorschlagen
strop (v) (scheermes)
turn on
(v)
(elektrisch apparaat)
switch on (v) (elektrisch apparaat)
put on
(v)
(radio - televisie)
switch on (v) (licht)
turn on
(v)
(licht)
abet
(v)
(persoon)
incite
(v)
(persoon)
provoke
(v)
(persoon)
instigate
(v)
(persoon)
motivate
(v)
(persoon)
exhort
(v)
(aansporen)
urge
(v)
(aansporen)
admonish strongly (v) (aansporen)
Deutsch
aanzetten Niederländisch » Deutsch
Neues Wort vorschlagen
abziehen (v) (scheermes)
anschalten (v) (elektrisch apparaat)
einschalten (v) (elektrisch apparaat)
anmachen (v) (radio - televisie)
anmachen (v) (licht)
aufhetzen (v) (persoon)
provozieren (v) (persoon)
anstiften (v) (persoon)
anregen (v) (persoon)
motivieren (v) (persoon)
anspornen (v) (persoon)
zureden (v) (aansporen)
ermahnen (v) (aansporen)
Spanisch
aanzetten Niederländisch » Spanisch
Neues Wort vorschlagen
Schwedisch
aanzetten Niederländisch » Schwedisch
Neues Wort vorschlagen
strigla (v) (scheermes)
egga (v) (persoon)
sätta på (v) (elektrisch apparaat)
sätta på (v) (radio - televisie)
sätta på (v) (licht)
tända (v) (radio - televisie)
tända (v) (licht)
upphetsa (v) (persoon)
anstifta (v) (persoon)
uppvigla till (v) (persoon)
anmoda (v) (aansporen)
vrida på (v) (elektrisch apparaat)
motivera (v) (persoon)
sporra (v) (persoon)
medverka till (v) (persoon)
provocera (v) (persoon)
driva (v) (persoon)
förmana (v) (aansporen)
uppmana (v) (aansporen)
Portugiesisch
aanzetten Niederländisch » Portugiesisch
Neues Wort vorschlagen
acender (v) (radio - televisie)
acender (v) (licht)
amolar no couro (v) (scheermes)
estimular (v) (persoon)
incitar (v) (persoon)
ligar (v) (elektrisch apparaat)
ligar (v) (radio - televisie)
ligar (v) (licht)
instigar (v) (persoon)
provocar (v) (persoon)
motivar (v) (persoon)
exortar (v) (aansporen)
advertir (v) (aansporen)
admoestar veementemente (v) (aansporen)
Verbformen von aanzetten
| - | aan | ||
| Tegenwoordig en verleden deelwoord | aanzettend | und | aangezet |
| Ich | Du | Er/Sie/Es | Wir | Ihr | Sie | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Presens | zet aan | zet aan | zet aan | zetten aan | zetten aan | zetten aan |
| Imperfect | zette aan | zette aan | zette aan | zetten aan | zetten aan | zetten aan |
| Toekomende tijd I | zal aanzetten | zult aanzetten | zal aanzetten | zullen aanzetten | zullen aanzetten | zullen aanzetten |
| Conditionalis I | zou aanzetten | zou aanzetten | zou aanzetten | zouden aanzetten | zouden aanzetten | zouden aanzetten |
| Perfectum | heb aangezet | hebt aangezet | heeft aangezet | hebben aangezet | hebben aangezet | hebben aangezet |
| Voltooid verleden tijd | had aangezet | had aangezet | had aangezet | hadden aangezet | hadden aangezet | hadden aangezet |
| Toekomende tijd II | zal aangezet hebben | zult aangezet hebben | zal aangezet hebben | zullen aangezet hebben | zullen aangezet hebben | zullen aangezet hebben |
| Conditionalis II | zou hebben aangezet | zou hebben aangezet | zou hebben aangezet | zouden hebben aangezet | zouden hebben aangezet | zouden hebben aangezet |
| Imperatief | - | zet aan | - | - | zet aan | - |
