Übersetzungen für aanreiken
aanreiken
hat 4 Bedeutungen, 4 Synonymgruppen & 22 SynonymeNiederländisch Niederländisch
aanreiken (algemeen, hand, voorwerp, voorwerpen)
Französisch
aanreiken Niederländisch » Französisch
Neues Wort vorschlagen
présenter
(v)
(algemeen)
présenter
(v)
(hand)
présenter
(v)
(voorwerp)
présenter
(v)
(voorwerpen)
tendre
(v)
[m.]
(hand)
tendre
(v)
[m.]
(algemeen)
tendre
(v)
[m.]
(voorwerp)
tendre
(v)
[m.]
(voorwerpen)
attraper
(v)
(voorwerp)
attraper
(v)
(algemeen)
attraper
(v)
(hand)
attraper
(v)
(voorwerpen)
donner
(v)
(algemeen)
donner
(v)
(hand)
donner
(v)
(voorwerp)
donner
(v)
(voorwerpen)
passer
(v)
(voorwerp)
passer
(v)
(algemeen)
passer
(v)
(hand)
passer
(v)
(voorwerpen)
Italienisch
aanreiken Niederländisch » Italienisch
Neues Wort vorschlagen
allungare
(v)
(hand)
allungare
(v)
(algemeen)
allungare
(v)
(voorwerp)
allungare
(v)
(voorwerpen)
dare
(v)
[m.]
(algemeen)
dare
(v)
[m.]
(hand)
dare
(v)
[m.]
(voorwerp)
dare
(v)
[m.]
(voorwerpen)
offrire
(v)
[m.]
(algemeen)
offrire
(v)
[m.]
(hand)
offrire
(v)
[m.]
(voorwerp)
offrire
(v)
[m.]
(voorwerpen)
passare
(v)
(voorwerp)
passare
(v)
(algemeen)
passare
(v)
(hand)
passare
(v)
(voorwerpen)
porgere
(v)
(algemeen)
porgere
(v)
(hand)
porgere
(v)
(voorwerp)
porgere
(v)
(voorwerpen)
stendere
(v)
(algemeen)
stendere
(v)
(hand)
stendere
(v)
(voorwerp)
stendere
(v)
(voorwerpen)
tendere
(v)
(algemeen)
tendere
(v)
(hand)
tendere
(v)
(voorwerp)
tendere
(v)
(voorwerpen)
Englisch
aanreiken Niederländisch » Englisch
Neues Wort vorschlagen
Deutsch
aanreiken Niederländisch » Deutsch
Neues Wort vorschlagen
Spanisch
aanreiken Niederländisch » Spanisch
Neues Wort vorschlagen
alcanzar
(v)
(voorwerp)
alcanzar
(v)
(algemeen)
alcanzar
(v)
(hand)
alcanzar
(v)
(voorwerpen)
dar (v) (voorwerp)
dar (v) (algemeen)
dar (v) (hand)
dar (v) (voorwerpen)
entregar (v) (algemeen)
entregar (v) (hand)
entregar (v) (voorwerp)
entregar (v) (voorwerpen)
estirar
(v)
(hand)
estirar
(v)
(algemeen)
estirar
(v)
(voorwerp)
estirar
(v)
(voorwerpen)
extender
(v)
(hand)
extender
(v)
(algemeen)
extender
(v)
(voorwerp)
extender
(v)
(voorwerpen)
ofrecer
(v)
(algemeen)
ofrecer
(v)
(hand)
ofrecer
(v)
(voorwerp)
ofrecer
(v)
(voorwerpen)
pasar (v) (voorwerp)
pasar (v) (algemeen)
pasar (v) (hand)
pasar (v) (voorwerpen)
tender (v) (algemeen)
tender (v) (hand)
tender (v) (voorwerp)
tender (v) (voorwerpen)
Schwedisch
aanreiken Niederländisch » Schwedisch
Neues Wort vorschlagen
erbjuda (v) (algemeen)
erbjuda (v) (hand)
erbjuda (v) (voorwerp)
erbjuda (v) (voorwerpen)
sträcka (v) (algemeen)
sträcka (v) (hand)
sträcka (v) (voorwerp)
sträcka (v) (voorwerpen)
ge (v) (algemeen)
ge (v) (hand)
ge (v) (voorwerp)
ge (v) (voorwerpen)
hålla ut (v) (algemeen)
hålla ut (v) (hand)
hålla ut (v) (voorwerp)
hålla ut (v) (voorwerpen)
räcka ut (v) (algemeen)
räcka ut (v) (hand)
räcka ut (v) (voorwerp)
räcka ut (v) (voorwerpen)
räcka (v) (algemeen)
räcka (v) (hand)
räcka (v) (voorwerp)
räcka (v) (voorwerpen)
Portugiesisch
aanreiken Niederländisch » Portugiesisch
Neues Wort vorschlagen
entregar (v) (algemeen)
entregar (v) (hand)
entregar (v) (voorwerp)
entregar (v) (voorwerpen)
passar (v) (voorwerp)
passar (v) (algemeen)
passar (v) (hand)
passar (v) (voorwerpen)
oferecer (v) (algemeen)
oferecer (v) (hand)
oferecer (v) (voorwerp)
oferecer (v) (voorwerpen)
estender (v) (hand)
estender (v) (algemeen)
estender (v) (voorwerp)
estender (v) (voorwerpen)
alcançar (v) (algemeen)
alcançar (v) (hand)
alcançar (v) (voorwerp)
alcançar (v) (voorwerpen)
dar (v) (algemeen)
dar (v) (hand)
dar (v) (voorwerp)
dar (v) (voorwerpen)
Verbformen von aanreiken
| - | aan | ||
| Tegenwoordig en verleden deelwoord | aanreikend | und | aangereikt |
| Ich | Du | Er/Sie/Es | Wir | Ihr | Sie | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Presens | reik aan | reikt aan | reikt aan | reiken aan | reiken aan | reiken aan |
| Imperfect | reikte aan | reikte aan | reikte aan | reikten aan | reikten aan | reikten aan |
| Toekomende tijd I | zal aanreiken | zult aanreiken | zal aanreiken | zullen aanreiken | zullen aanreiken | zullen aanreiken |
| Conditionalis I | zou aanreiken | zou aanreiken | zou aanreiken | zouden aanreiken | zouden aanreiken | zouden aanreiken |
| Perfectum | heb aangereikt | hebt aangereikt | heeft aangereikt | hebben aangereikt | hebben aangereikt | hebben aangereikt |
| Voltooid verleden tijd | had aangereikt | had aangereikt | had aangereikt | hadden aangereikt | hadden aangereikt | hadden aangereikt |
| Toekomende tijd II | zal aangereikt hebben | zult aangereikt hebben | zal aangereikt hebben | zullen aangereikt hebben | zullen aangereikt hebben | zullen aangereikt hebben |
| Conditionalis II | zou hebben aangereikt | zou hebben aangereikt | zou hebben aangereikt | zouden hebben aangereikt | zouden hebben aangereikt | zouden hebben aangereikt |
| Imperatief | - | reik aan | - | - | reikt aan | - |
