Übersetzungen für aannemen

Suchbegriff:

aannemen

  hat 11 Bedeutungen, 5 Synonymgruppen & 10 Synonyme

Niederländisch Niederländisch

aannemen (accepteren, aanvaarden, hypothese, waarschijnlijkheid, wetten, feit, kind, kleur, geloven, methode, beroep)

Französisch aannemen Niederländisch » Französisch Neues Wort vorschlagen

prendre (v) (accepteren)

prendre (v) (aanvaarden)

prendre (v) (hypothese)

prendre (v) (waarschijnlijkheid)

prendre (v) (wetten)

prendre (v) (feit)

prendre (v) (kind)

prendre (v) (kleur)

prendre (v) (geloven)

prendre (v) (methode)

adopter (v) (kind)

adopter (v) (hypothese)

adopter (v) (waarschijnlijkheid)

adopter (v) (wetten)

adopter (v) (feit)

adopter (v) (kleur)

adopter (v) (accepteren)

adopter (v) (geloven)

adopter (v) (methode)

accepter (v) (accepteren)

accepter (v) (aanvaarden)

accepter (v) (hypothese)

accepter (v) (waarschijnlijkheid)

accepter (v) (wetten)

accepter (v) (feit)

accepter (v) (kind)

accepter (v) (kleur)

accepter (v) (geloven)

recevoir (v) (accepteren)

recevoir (v) (aanvaarden)

recevoir (v) (hypothese)

recevoir (v) (waarschijnlijkheid)

recevoir (v) (wetten)

recevoir (v) (feit)

recevoir (v) (kind)

recevoir (v) (kleur)

recevoir (v) (geloven)

admettre (v) (accepteren)

admettre (v) (aanvaarden)

admettre (v) (hypothese)

admettre (v) (waarschijnlijkheid)

admettre (v) (wetten)

admettre (v) (feit)

admettre (v) (kind)

admettre (v) (kleur)

admettre (v) (geloven)

supposer (v) (waarschijnlijkheid)

supposer (v) (hypothese)

supposer (v) (wetten)

supposer (v) (feit)

supposer (v) (kind)

supposer (v) (kleur)

supposer (v) (accepteren)

supposer (v) (geloven)

présumer (v) (waarschijnlijkheid)

présumer (v) (hypothese)

présumer (v) (wetten)

présumer (v) (feit)

présumer (v) (kind)

présumer (v) (kleur)

présumer (v) (accepteren)

présumer (v) (geloven)

croire (v) (waarschijnlijkheid)

croire (v) (hypothese)

croire (v) (wetten)

croire (v) (feit)

croire (v) (kind)

croire (v) (kleur)

croire (v) (accepteren)

croire (v) (geloven)

engager (v) (beroep)

employer (v) (beroep)

décréter (v) (wetten)

promulguer (v) (wetten)

imiter (v) (methode)

imiter (v) (kleur)

avancer une supposition (v) (feit)

poser en principe (v) (feit)

Italienisch aannemen Niederländisch » Italienisch Neues Wort vorschlagen

accettare (v) (hypothese)

accettare (v) (waarschijnlijkheid)

accettare (v) (wetten)

accettare (v) (feit)

accettare (v) (kind)

accettare (v) (kleur)

accettare (v) (accepteren)

accettare (v) (geloven)

accettare (v) (aanvaarden)

adottare (v) (methode)

adottare (v) (kleur)

adottare (v) (hypothese)

adottare (v) (waarschijnlijkheid)

adottare (v) (wetten)

adottare (v) (feit)

adottare (v) (kind)

adottare (v) (accepteren)

adottare (v) (geloven)

ammettere (v) (hypothese)

ammettere (v) (waarschijnlijkheid)

ammettere (v) (wetten)

ammettere (v) (feit)

ammettere (v) (kind)

ammettere (v) (kleur)

ammettere (v) (accepteren)

ammettere (v) (geloven)

approvare (v) (wetten)

approvare (v) (hypothese)

approvare (v) (waarschijnlijkheid)

approvare (v) (feit)

approvare (v) (kind)

approvare (v) (kleur)

approvare (v) (accepteren)

approvare (v) (geloven)

assumere (v) (methode)

assumere (v) (kleur)

assumere (v) (beroep)

assumere (v) (hypothese)

assumere (v) (waarschijnlijkheid)

assumere (v) (wetten)

assumere (v) (feit)

assumere (v) (kind)

assumere (v) (accepteren)

assumere (v) (geloven)

capire (v) (accepteren)

capire (v) (aanvaarden)

credere (v) (geloven)

credere (v) (hypothese)

credere (v) (waarschijnlijkheid)

credere (v) (wetten)

credere (v) (feit)

credere (v) (kind)

credere (v) (kleur)

credere (v) (accepteren)

dare lavoro a (v) (beroep)

dare per scontato (v) (hypothese)

dare per scontato (v) (waarschijnlijkheid)

dare per scontato (v) (wetten)

dare per scontato (v) (feit)

dare per scontato (v) (kind)

dare per scontato (v) (kleur)

dare per scontato (v) (accepteren)

dare per scontato (v) (geloven)

emanare (v) (wetten)

emettere (v) (wetten)

imitare (v) (methode)

imitare (v) (kleur)

impiegare (v) (beroep)

prendere (v) (methode)

prendere (v) (kleur)

prendere (v) (hypothese)

prendere (v) (waarschijnlijkheid)

prendere (v) (wetten)

prendere (v) (feit)

prendere (v) (kind)

prendere (v) (accepteren)

prendere (v) (geloven)

prendere (v) (aanvaarden)

presumere (v) (waarschijnlijkheid)

presumere (v) (feit)

presumere (v) (hypothese)

presumere (v) (wetten)

presumere (v) (kind)

presumere (v) (kleur)

presumere (v) (accepteren)

presumere (v) (geloven)

presupporre (v) (hypothese)

presupporre (v) (waarschijnlijkheid)

presupporre (v) (wetten)

presupporre (v) (feit)

presupporre (v) (kind)

presupporre (v) (kleur)

presupporre (v) (accepteren)

presupporre (v) (geloven)

promulgare (v) (wetten)

ricevere (v) (accepteren)

ricevere (v) (hypothese)

ricevere (v) (waarschijnlijkheid)

ricevere (v) (wetten)

ricevere (v) (feit)

ricevere (v) (kind)

ricevere (v) (kleur)

ricevere (v) (geloven)

ricevere (v) (aanvaarden)

riconoscere (v) (aanvaarden)

riconoscere (v) (accepteren)

ritenere (v) (hypothese)

ritenere (v) (waarschijnlijkheid)

ritenere (v) (wetten)

ritenere (v) (feit)

ritenere (v) (kind)

ritenere (v) (kleur)

ritenere (v) (accepteren)

ritenere (v) (geloven)

supporre (v) (hypothese)

supporre (v) (waarschijnlijkheid)

supporre (v) (wetten)

supporre (v) (feit)

supporre (v) (kind)

supporre (v) (kleur)

supporre (v) (accepteren)

supporre (v) (geloven)

Englisch aannemen Niederländisch » Englisch Neues Wort vorschlagen

assume (v) (hypothese)

suppose (v) (hypothese)

assume (v) (waarschijnlijkheid)

presume (v) (waarschijnlijkheid)

suppose (v) (waarschijnlijkheid)

take for granted (v) (waarschijnlijkheid)

surmise (formal) (v) (waarschijnlijkheid)

guess (informal) (v) (waarschijnlijkheid)

adopt (v) (methode)

imitate (v) (methode)

adopt (v) (wetten)

vote to accept (v) (wetten)

pass (v) (wetten)

presume (v) (feit)

postulate (formal) (v) (feit)

posit (formal) (v) (feit)

adopt (v) (kind)

employ (v) (beroep)

hire (v) (beroep)

take on (v) (beroep)

appoint to a job (v) (beroep)

give a job to (v) (beroep)

put to work (v) (beroep)

take on (v) (kleur)

accept (v) (accepteren)

receive (v) (accepteren)

take (v) (accepteren)

accept (v) (aanvaarden)

acknowledge (v) (aanvaarden)

accept (v) (geloven)

believe (v) (geloven)

Deutsch aannemen Niederländisch » Deutsch Neues Wort vorschlagen

annehmen (v) (hypothese)

voraussetzen (v) (hypothese)

voraussetzen (v) (waarschijnlijkheid)

annehmen (v) (waarschijnlijkheid)

vermuten (v) (waarschijnlijkheid)

als selbstverständlich betrachten (v) (waarschijnlijkheid)

übernehmen (v) (methode)

nachmachen (v) (methode)

annehmen (v) (wetten)

zustimmen (v) (wetten)

erlassen (v) (wetten)

annehmen (v) (feit)

vermuten (v) (feit)

postulieren (v) (feit)

adoptieren (v) (kind)

annehmen (v) (kind)

beschäftigen (v) (beroep)

anstellen (v) (beroep)

verwenden (v) (beroep)

annehmen (v) (kleur)

übernehmen (v) (kleur)

annehmen (v) (accepteren)

akzeptieren (v) (accepteren)

erhalten (v) (accepteren)

empfangen (v) (accepteren)

akzeptieren (v) (aanvaarden)

anerkennen (v) (aanvaarden)

glauben (v) (geloven)

annehmen (v) (geloven)

Spanisch aannemen Niederländisch » Spanisch Neues Wort vorschlagen

aceptar (v) (accepteren)

aceptar (v) (aanvaarden)

aceptar (v) (hypothese)

aceptar (v) (waarschijnlijkheid)

aceptar (v) (wetten)

aceptar (v) (feit)

aceptar (v) (kind)

aceptar (v) (kleur)

aceptar (v) (geloven)

admitir (v) (accepteren)

admitir (v) (aanvaarden)

adoptar (v) (kind)

adoptar (v) (hypothese)

adoptar (v) (waarschijnlijkheid)

adoptar (v) (wetten)

adoptar (v) (feit)

adoptar (v) (kleur)

adoptar (v) (accepteren)

adoptar (v) (geloven)

adoptar (v) (methode)

aprobar (v) (hypothese)

aprobar (v) (waarschijnlijkheid)

aprobar (v) (wetten)

aprobar (v) (feit)

aprobar (v) (kind)

aprobar (v) (kleur)

aprobar (v) (accepteren)

aprobar (v) (geloven)

asumir (v) (hypothese)

asumir (v) (waarschijnlijkheid)

asumir (v) (wetten)

asumir (v) (feit)

asumir (v) (kind)

asumir (v) (kleur)

asumir (v) (accepteren)

asumir (v) (geloven)

coger (v) (accepteren)

coger (v) (aanvaarden)

coger (v) (hypothese)

coger (v) (waarschijnlijkheid)

coger (v) (wetten)

coger (v) (feit)

coger (v) (kind)

coger (v) (kleur)

coger (v) (geloven)

contratar (v) (beroep)

creer (v) (hypothese)

creer (v) (waarschijnlijkheid)

creer (v) (wetten)

creer (v) (feit)

creer (v) (kind)

creer (v) (kleur)

creer (v) (accepteren)

creer (v) (geloven)

dar por sentado (v) (waarschijnlijkheid)

dar por sentado (v) (hypothese)

dar por sentado (v) (wetten)

dar por sentado (v) (feit)

dar por sentado (v) (kind)

dar por sentado (v) (kleur)

dar por sentado (v) (accepteren)

dar por sentado (v) (geloven)

dar trabajo a (v) (beroep)

decretar (v) (wetten)

emplear (v) (beroep)

imitar (v) (methode)

imitar (v) (kleur)

poner a trabajar (v) (beroep)

presumir (v) (hypothese)

presumir (v) (waarschijnlijkheid)

presumir (v) (wetten)

presumir (v) (feit)

presumir (v) (kind)

presumir (v) (kleur)

presumir (v) (accepteren)

presumir (v) (geloven)

promulgar (v) (wetten)

recibir (v) (accepteren)

recibir (v) (aanvaarden)

recibir (v) (hypothese)

recibir (v) (waarschijnlijkheid)

recibir (v) (wetten)

recibir (v) (feit)

recibir (v) (kind)

recibir (v) (kleur)

recibir (v) (geloven)

reconocer (v) (accepteren)

reconocer (v) (aanvaarden)

suponer (v) (waarschijnlijkheid)

suponer (v) (hypothese)

suponer (v) (wetten)

suponer (v) (feit)

suponer (v) (kind)

suponer (v) (kleur)

suponer (v) (accepteren)

suponer (v) (geloven)

tomar (v) (hypothese)

tomar (v) (waarschijnlijkheid)

tomar (v) (wetten)

tomar (v) (feit)

tomar (v) (kind)

tomar (v) (kleur)

tomar (v) (accepteren)

tomar (v) (geloven)

tomar (v) (methode)

Schwedisch aannemen Niederländisch » Schwedisch Neues Wort vorschlagen

adoptera (v) (hypothese)

adoptera (v) (waarschijnlijkheid)

adoptera (v) (methode)

adoptera (v) (wetten)

adoptera (v) (feit)

adoptera (v) (kind)

adoptera (v) (kleur)

adoptera (v) (accepteren)

adoptera (v) (geloven)

acceptera (v) (hypothese)

acceptera (v) (waarschijnlijkheid)

acceptera (v) (wetten)

acceptera (v) (feit)

acceptera (v) (kind)

acceptera (v) (kleur)

acceptera (v) (accepteren)

acceptera (v) (aanvaarden)

acceptera (v) (geloven)

motta (v) (hypothese)

motta (v) (waarschijnlijkheid)

motta (v) (wetten)

motta (v) (feit)

motta (v) (kind)

motta (v) (kleur)

motta (v) (accepteren)

motta (v) (aanvaarden)

motta (v) (geloven)

ta emot (v) (hypothese)

ta emot (v) (waarschijnlijkheid)

ta emot (v) (wetten)

ta emot (v) (feit)

ta emot (v) (kind)

ta emot (v) (kleur)

ta emot (v) (accepteren)

ta emot (v) (aanvaarden)

ta emot (v) (geloven)

godta (v) (accepteren)

godta (v) (aanvaarden)

uppta (v) (methode)

uppta (v) (kleur)

anta (v) (hypothese)

anta (v) (waarschijnlijkheid)

anta (v) (methode)

anta (v) (wetten)

anta (v) (feit)

anta (v) (kind)

anta (v) (kleur)

anta (v) (accepteren)

anta (v) (geloven)

förmoda (v) (hypothese)

förmoda (v) (waarschijnlijkheid)

förmoda (v) (wetten)

förmoda (v) (feit)

förmoda (v) (kind)

förmoda (v) (kleur)

förmoda (v) (accepteren)

förmoda (v) (geloven)

förutsätta (v) (hypothese)

förutsätta (v) (waarschijnlijkheid)

förutsätta (v) (wetten)

förutsätta (v) (feit)

förutsätta (v) (kind)

förutsätta (v) (kleur)

förutsätta (v) (accepteren)

förutsätta (v) (geloven)

ta för givet (v) (hypothese)

ta för givet (v) (waarschijnlijkheid)

ta för givet (v) (wetten)

ta för givet (v) (feit)

ta för givet (v) (kind)

ta för givet (v) (kleur)

ta för givet (v) (accepteren)

ta för givet (v) (geloven)

ponera (v) (hypothese)

ponera (v) (waarschijnlijkheid)

ponera (v) (wetten)

ponera (v) (feit)

ponera (v) (kind)

ponera (v) (kleur)

ponera (v) (accepteren)

ponera (v) (geloven)

offentliggöra (v) (wetten)

godkänna (v) (hypothese)

godkänna (v) (waarschijnlijkheid)

godkänna (v) (wetten)

godkänna (v) (feit)

godkänna (v) (kind)

godkänna (v) (kleur)

godkänna (v) (accepteren)

godkänna (v) (geloven)

tro (v) (hypothese)

tro (v) (waarschijnlijkheid)

tro (v) (wetten)

tro (v) (feit)

tro (v) (kind)

tro (v) (kleur)

tro (v) (accepteren)

tro (v) (geloven)

(v) (hypothese)

(v) (waarschijnlijkheid)

(v) (methode)

(v) (wetten)

(v) (feit)

(v) (kind)

(v) (kleur)

(v) (accepteren)

(v) (geloven)

sysselsätta (v) (beroep)

anställa (v) (beroep)

ge arbete åt (v) (beroep)

utfärda (v) (wetten)

antaga (v) (wetten)

ta efter (v) (methode)

ta efter (v) (kleur)

postulera (v) (feit)

Portugiesisch aannemen Niederländisch » Portugiesisch Neues Wort vorschlagen

tomar (v) (hypothese)

tomar (v) (waarschijnlijkheid)

tomar (v) (wetten)

tomar (v) (feit)

tomar (v) (kind)

tomar (v) (kleur)

tomar (v) (accepteren)

tomar (v) (geloven)

tomar (v) (methode)

adotar (v) (methode)

adotar (v) (kleur)

adotar (v) (hypothese)

adotar (v) (waarschijnlijkheid)

adotar (v) (wetten)

adotar (v) (feit)

adotar (v) (kind)

adotar (v) (accepteren)

adotar (v) (geloven)

aceitar (v) (accepteren)

aceitar (v) (aanvaarden)

aceitar (v) (hypothese)

aceitar (v) (waarschijnlijkheid)

aceitar (v) (wetten)

aceitar (v) (feit)

aceitar (v) (kind)

aceitar (v) (kleur)

aceitar (v) (geloven)

receber (v) (accepteren)

receber (v) (hypothese)

receber (v) (waarschijnlijkheid)

receber (v) (wetten)

receber (v) (feit)

receber (v) (kind)

receber (v) (kleur)

receber (v) (geloven)

receber (v) (aanvaarden)

admitir (v) (accepteren)

admitir (v) (aanvaarden)

supor (v) (hypothese)

supor (v) (waarschijnlijkheid)

supor (v) (wetten)

supor (v) (feit)

supor (v) (kind)

supor (v) (kleur)

supor (v) (accepteren)

supor (v) (geloven)

presumir (v) (hypothese)

presumir (v) (waarschijnlijkheid)

presumir (v) (wetten)

presumir (v) (feit)

presumir (v) (kind)

presumir (v) (kleur)

presumir (v) (accepteren)

presumir (v) (geloven)

tomar como certo (v) (hypothese)

tomar como certo (v) (waarschijnlijkheid)

tomar como certo (v) (wetten)

tomar como certo (v) (feit)

tomar como certo (v) (kind)

tomar como certo (v) (kleur)

tomar como certo (v) (accepteren)

tomar como certo (v) (geloven)

imaginar (v) (hypothese)

imaginar (v) (waarschijnlijkheid)

imaginar (v) (wetten)

imaginar (v) (feit)

imaginar (v) (kind)

imaginar (v) (kleur)

imaginar (v) (accepteren)

imaginar (v) (geloven)

crer (v) (hypothese)

crer (v) (waarschijnlijkheid)

crer (v) (wetten)

crer (v) (feit)

crer (v) (kind)

crer (v) (kleur)

crer (v) (accepteren)

crer (v) (geloven)

partir do princípio (v) (hypothese)

partir do princípio (v) (waarschijnlijkheid)

partir do princípio (v) (wetten)

partir do princípio (v) (feit)

partir do princípio (v) (kind)

partir do princípio (v) (kleur)

partir do princípio (v) (accepteren)

partir do princípio (v) (geloven)

aprovar (v) (wetten)

aprovar (v) (hypothese)

aprovar (v) (waarschijnlijkheid)

aprovar (v) (feit)

aprovar (v) (kind)

aprovar (v) (kleur)

aprovar (v) (accepteren)

aprovar (v) (geloven)

assumir (v) (methode)

assumir (v) (kleur)

assumir (v) (hypothese)

assumir (v) (waarschijnlijkheid)

assumir (v) (wetten)

assumir (v) (feit)

assumir (v) (kind)

assumir (v) (accepteren)

assumir (v) (geloven)

acreditar (v) (geloven)

acreditar (v) (hypothese)

acreditar (v) (waarschijnlijkheid)

acreditar (v) (wetten)

acreditar (v) (feit)

acreditar (v) (kind)

acreditar (v) (kleur)

acreditar (v) (accepteren)

empregar (v) (beroep)

contratar (v) (beroep)

dar emprego a (v) (beroep)

decretar (v) (wetten)

promulgar (v) (wetten)

imitar (v) (methode)

imitar (v) (kleur)

postular (v) (feit)

pressupor (v) (feit)

     

Verbformen von aannemen

irr. aan
Tegenwoordig en verleden deelwoord aannemend und aangenomen
  Ich Du Er/Sie/Es Wir Ihr Sie
Presens neem aan neemt aan neemt aan nemen aan nemen aan nemen aan
Imperfect nam aan nam aan nam aan namen aan namen aan namen aan
Toekomende tijd I zal aannemen zult aannemen zal aannemen zullen aannemen zullen aannemen zullen aannemen
Conditionalis I zou aannemen zou aannemen zou aannemen zouden aannemen zouden aannemen zouden aannemen
Perfectum heb aangenomen hebt aangenomen heeft aangenomen hebben aangenomen hebben aangenomen hebben aangenomen
Voltooid verleden tijd had aangenomen had aangenomen had aangenomen hadden aangenomen hadden aangenomen hadden aangenomen
Toekomende tijd II zal aangenomen hebben zult aangenomen hebben zal aangenomen hebben zullen aangenomen hebben zullen aangenomen hebben zullen aangenomen hebben
Conditionalis II zou hebben aangenomen zou hebben aangenomen zou hebben aangenomen zouden hebben aangenomen zouden hebben aangenomen zouden hebben aangenomen
Imperatief - neem aan - - neemt aan -
aannemen - Niederländisch Wörterbuch | Übersetzung - aannemen übersetzen